PrivédomeinReizenReisverhalenKathmanduvallei
Reisverhalen RSS Archief

Kathmanduvallei 

Bekeken 1510
Reacties 0
Beoordeling 1 keer beoordeeld
28-03-2010

Voor de meeste toeristen is de Nepalese hoofdstad Kathmandu een springplank naar de rest van het land, en dan vooral naar de Himalaya met de Mount Everest voorop. Maar Kathmandu zelf, en de gelijknamige vallei die het historische hart vormt van Nepal, zijn ook zeer de moeite waard. Wilma van der Maten, NOS-correspondent voor Zuid-Azië, vertelt waarom.

 

Tekst Wilma van der Maten

 

 

Aanbevelingen

  • Voor een panorama van de Himalaya kunt u naar het dichtstbijzijnde dorp Nagarkot (2175 m, ca. 1 uur rijden van Kathmandu). Ga niet in het regenseizoen die kant uit, want u komt teleurgesteld thuis. In Club Himalaya Hotel is elke kamer, met privébalkon, genoemd naar een bergpiek. Als u er niet wilt overnachten, gebruik er dan de lunch; vanuit het hotelrestaurant heeft u een goed uitzicht op de Himalaya.
  • Hoogtepunt voor de Nepalezen is het Dashainfestival (sept/okt). Dit feest duurt ongeveer 15 dagen en is het belangrijkste familiefeest in Nepal. Als u enigszins rustig wilt genieten van de tempels en paleizen is het raadzaam buiten deze periode naar Kathmandu te komen.
  • De koningssteden in de Kathmanduvallei bieden een goede taxiservice: dé manier om de vallei te ontdekken. De meters zijn vaak kapot, onderhandel van tevoren over de prijs. Het verkeer rijdt in Nepal links.
  • De meeste Nepalezen vinden het leuk om op de foto te komen. Sadhus (heilige mannen) eisen wel na afloop een donatie! Niet in alle tempels mag u foto’s maken.
  • In alle tempels moeten de schoenen buiten uit. In sommige tempels mag u zelfs geen leren riem om uw middel dragen. Een tempelbewaker legt vooraf de gedragsregels uit. Loop altijd met de klok mee rond een boeddhistische stoepa. Er zijn tempels die verboden zijn voor westerlingen.
 
Mijn vliegtuig vanuit Delhi naar Kathmandu heeft vertraging. Een groep toeristen begint zich ernstig zorgen te maken. Ze hadden juist de middagvlucht geboekt om vanuit het vliegtuig goed zicht te hebben op de besneeuwde bergtoppen en de stad Kathmandu, die diep in een groen dal verstopt ligt. Het vliegtuig vertrekt gelukkig nog op tijd, zodat we de laatste zonnestralen op de witte bergtoppen kunnen zien.

De taxirit van het vliegtuig naar de stad doet er langer over dan normaal. Het gaat Nepal na de jarenlange opstand van linkse rebellen, waar twee jaar geleden een einde aan kwam toen de koning aftrad, economisch weer voor de wind. Dat is goed te merken aan de verkeersdrukte op de weg. Vijftien jaar geleden reden er nog nauwelijks auto’s in de hoofdstad en verplaatsten toeristen zich het liefst per fiets. Nu waagt slechts een enkeling zich nog aan een fietsrit door het chaotische verkeer.

Kathmandu krijgt steeds meer het karakter van een moderne Aziatische stad. Vooral toeristen uit Zuid-Korea en Taiwan, met mondkapjes tegen de luchtvervuiling, komen de stad ontdekken. Toch blijft de sfeer in de Nepalese hoofdstad met zijn ruim 800.000 inwoners gemoedelijk. Je verplaatst je er eenvoudig te voet door de vele vooral smalle straatjes om alle tempels, pleinen en kleurrijke marktjes te kunnen bezoeken. Het blijft een belevenis om te zien hoe koeien, straatverkopers, bedelende sadhus (heilige mannen) en een groeiend legertje riksja’s met elkaar vechten om elke centimeter wegdek.

 

Levende godin
Toeristen boeken het liefst een hotel in de centraal gelegen wijk Thamel, een buurt die voor rugzaktoeristen ‘the place to be’ is. De daken van verscheidene hotels bieden op een heldere dag goed uitzicht op de besneeuwde Himalaya.

Vanuit de toeristenwijk is het nog geen tien minuten lopen naar Durbar Square (het koningsplein), het centrale plein met het koninklijke paleis uit 1672. Ook bevindt zich daar het houten paleisje van Kumari, de levende godin van Kathmandu – een meisje van nog geen twaalf jaar oud, gekleed in een rode jurk en met een beschilderd gezicht. Via een smal poortje kom je uit op de binnenplaats van haar paleis. Elke middag rond vier uur is ze even voor het raam op de derde verdieping te zien. Voor veel toeristen is alleen al een glimp van de kleine godin het hoogtepunt van hun bezoek.

Als je het plein oploopt, passeer je tientallen pagodes en tempels, door de eeuwen heen ontworpen door de heersende koningen die graag aan de buitenwereld hun rijkdommen wilden tonen. Sommige houten tempels dateren uit de 12de eeuw. Bij het paleis offert de lokale bevolking dagelijks bloemen en muntgeld voor de aapgod. Kinderen stelen de munten als de paleisbewaker even de andere kant op kijkt.

In het paleis hangen de portretten van de koningen die er in de afgelopen eeuwen werden gekroond. Het portret van de een na laatste koning ontbreekt. In 2001 schoot kroonprins Dipendra zijn ouders en zeven andere leden van de koninklijke familie dood omdat hij niet met zijn geliefde mocht trouwen. Zelf raakte hij zwaargewond en terwijl hij in coma in het ziekenhuis lag, volgde hij volgens de regels zijn vader op tot koning. Toen hij na drie dagen overleed, werd zijn oom koning – de laatste, want sinds 2008 is Nepal een republiek.

 

Hangen op de tempeltrappen
In Kathmandu zie je goed hoe hindoeïsme en boeddhisme in Nepal hand in hand gaan. De tempels van beide religies zijn soms zelfs in elkaar gebouwd. Tegenwoordig dienen de traptreden voor de eeuwenoude tempels op Durbar Square ook als hangplekken voor de jongeren van de hoofdstad.

De mooiste hindoeïstische tempels liggen in het tempelcomplex Pashupatinath, drie km ten noordwesten van Kathmandu, aan de heilige Bagmatirivier. De tempels vormen een belangrijke bedevaartsplek voor aanhangers van de god Shiva en mogen alleen door hindoes worden bezocht.

Vanaf de overkant van de rivier is er goed zicht op de tempels. ’s Ochtends vroeg kun je vanaf afstand een crematie op de ghats, de rituele bad- en crematieplaatsen, volgen. Voor sommige westerlingen is een openbare lijkverbranding wel even schrikken, evenals de jaarlijkse dip van de honderden pelgrims in de vervuilde rivier.

Iets buiten Kathmandu ligt op een bergtop de boeddhistische tempel Swayambhunath. In de volksmond wordt het de Apentempel genoemd vanwege de omvangrijke apenkolonie die er leeft. Op het plein zitten een paar aardige antiekwinkeltjes die authentieke maskers verkopen. Vanaf de bergtop heb je een goed uitzicht over Kathmandu.

 

Terug naar de middeleeuwen
Rond de hoofdstad is nog veel meer te ontdekken. In de vallei waarin Kathmandu ligt, het historische hart van Nepal, kwamen door de eeuwen heen allerlei koninkrijkjes tot grote bloei. Het bekendste vorstengeslacht uit de geschiedenis van Nepal is de Malladynastie. Koning Malla (1428-1482) stimuleerde de kunst, wetenschappen en literatuur. Na zijn dood werd het rijk onderverdeeld onder zijn drie zonen, waardoor Kathmandu, Patan en Bhaktapur drie zelfstandige vorstendommen werden.

De koningsstad Bhaktapur, 15 km buiten Kathmandu, maakt de meeste indruk. Hier waan je je nog in de Middeleeuwen; een gevoel dat je in de hoofdstad minder bekruipt, omdat het verkeer daar zelfs over het historische koningsplein mag razen. Het gerestaureerde autovrije Bhaktapur ziet eruit als één groot openluchtmuseum met paleizen, hindoeïstische tempels en boeddhistische stoepa’s, en inwoners in klederdracht. In de nauwe straatjes van het stadje staan verscheidene oude herenhuizen met mooi bewerkte balkonnetjes. Als de toeristen vertrokken zijn, blijft er dan ook een puur Nepalees stadje over, waar de bevolking voor dag en dauw opstaat om fruit en groente in te kopen om dat vervolgens in de tempels te offeren.

De derde koningsstad Patan is tegen Kathmandu aangebouwd en wordt van de hoofdstad gescheiden door de Bagmatirivier. Toen de drie broers nog in leven waren, concurreerden ze met elkaar wie de mooiste tempels en paleizen had. Voor wie de overvloed aan tempels te veel wordt, is een bezoek aan de relatief rustige dierentuin in Patan een aanrader.

Voor de meeste toeristen blijft Kathmandu de springplank naar de rest van Nepal, het land van de hoogste berg ter wereld, de Mount Everest. Wie niet de tijd heeft of niet in een goede conditie verkeert om de bergen in te trekken, kan een rondvlucht maken over de Himalaya. Een sherpa, een Nepalese berggids, benoemt tijdens de vlucht alle bergtoppen. Na een uur ben je weer terug in je hotel in Kathmandu, mét de wetenschap dat je het ‘dak van de wereld’ hebt gezien.

 

Praktisch

Vliegen:Arkefly vliegt rechtstreeks, m.u.v. mei t/m oktober. Bij alle andere maatschappijen moet u twee keer overstappen. Een visum kunt u bij aankomst op het vliegveld kopen.

Beste reistijd:
van oktober tot maart, als het koud maar helder is. Tussen juni en september is het regentijd en zijn de bergtoppen vaak in mist gehuld. In de zomer kan het erg heet worden. Luxehotels met zwembaden bieden dan wel kortingen die tot 60 procent kunnen oplopen.

Prijspeil:
soms iets onder, soms op Nederlands niveau (kop koffie ca. € 1,-; ritje van het vliegveld naar de stad ca. € 15,-).

Gezondheid:
in Kathmandu zijn geen malariamuggen, maar in de zomer zijn er wel denguemuggen. Zie www.lcr.nl.

Arkefly vliegt rechtstreeks, m.u.v. mei t/m oktober. Bij alle andere maatschappijen moet u twee keer overstappen. Een visum kunt u bij aankomst op het vliegveld kopen. van oktober tot maart, als het koud maar helder is. Tussen juni en september is het regentijd en zijn de bergtoppen vaak in mist gehuld. In de zomer kan het erg heet worden. Luxehotels met zwembaden bieden dan wel kortingen die tot 60 procent kunnen oplopen. soms iets onder, soms op Nederlands niveau (kop koffie ca. € 1,-; ritje van het vliegveld naar de stad ca. € 15,-). in Kathmandu zijn geen malariamuggen, maar in de zomer zijn er wel denguemuggen. Zie .


Geld:
in de grote steden komen steeds meer ATM’s, in de dorpjes is het beter voldoende cash mee te nemen. Een fooi wordt zeer gewaardeerd, hou rekening met 5 procent in een gewoon restaurant, in een vijfsterrenrestaurant verwacht men 10 procent, voor een taxirit rondt u de prijs af.

Geef uw beoordeling over dit artikel :

Reacties

Reageren?