Morbide obees
Bekeken 1282
Reacties 3
Beoordeling 
27-03-2010
Van oudsher heb ik een lichte allergie voor het woord marktwerking. Niet als het om een echte markt gaat, maar wel als het gaat om de publieke sector. De post, het onderwijs, het openbaar vervoer, en de zorg. Brrr, marktwerking in de zorg, niks voor mij. Tot ik de zorg nodig had. Toen begon het woord marktwerking een andere lading te krijgen. Want: wie ben je eigenlijk als zorgafnemer? Je betaalt je hele leven lang een fikse premie voor je zorgverzekering. Graag. Ik ben graag goed verzekerd. En als belastingbetaler betaal je dus ook mee aan de zorg.
En dan wil je een operatie. Geen levensreddende operatie, maar wel een operatie die de kwaliteit van mijn leven, zeg maar mijn gezondheid, drastisch zal verbeteren. Ik was namelijk in de loop van mijn leven te dik geworden. Niet zonder slag of stoot: buiten de reguliere zorg om had ik al heel wat pogingen gedaan om een gezond gewicht te bereiken, maar elke poging werd afgerond met een mislukking en een rentetoeslag op het begingewicht: ik werd na elk dieet en na elke afvalaanpak dikker.
“De zorgsector kan iets leren van Albert Heijn:
een patiënt is ook een klant”
|
Mijn internist (een kleine zelfstandige met zeer korte hulplijnen) noemde me, na meting, ‘morbide obees’. Ik opperde een maagoperatie, een gastric bypass. Ik had me via lotgenoten en internet zelf geïnformeerd. Mijn internist was ertegen. “Je snijdt in een gezond lichaam”, zei hij. “Maar u noemde me morbide obees”, zei ik, “dat klinkt niet gezond.” Tja. Hij wenste me geluk. In het ziekenhuis in mijn woonplaats zat een goede chirurg, hij zou me helpen.
En zo ging ik op pad. Over twee maanden kon ik bij deze chirurg terecht. Aardige man. Hij onderkende mijn probleem, stond positief tegenover mijn suggestie van een gastric bypass, maar... hij zag meer in een maagbandje. Ik sputterde tegen, had me goed geïnformeerd en voelde niet voor het bandje. Te veel mislukkingen, te weinig succes, te veel oud dieetgedrag vereist. De aardige chirurg liet zich overtuigen, maar… er was een wachtlijst van ongeveer een jaar. En een voorwaarde: ik moest op eigen kracht 10 kilo afvallen. Om te bewijzen dat ik het kon. Mijn tegenargument dat ik dat al talloze malen had bewezen was niet geldig. En dan die wachtlijst. Waarom zo lang? Omdat er een maximum aantal bariatrische operaties verricht mocht worden in dit ziekenhuis. Twintig per jaar om precies te zijn. Dat bemoedigde mij niet. Men deed dus maar weinig van dit soort operaties in een jaar, hoe zat het dan met de ervaringsdeskundigheid? Moest je dit soort operaties niet vaak doen om het ‘in de vingers’ te krijgen? De aardige chirurg hief zijn handen ten hemel, uitdrukkend: Het is niet anders. Hij kon mij misschien iets naar voren schuiven op de wachtlijst, wie weet had hij over een half jaar een gaatje in zijn agenda. Ik voelde me geen klant, ik voelde me afhankelijk.
Ik koos voor een andere weg, die een vriendin tot haar grote tevredenheid had afgelegd. Ik belde met een ziekenhuis in België, Dendermonde, een obesitasafdeling in een groot ziekenhuis. Ik kon een week later komen voor de intake, om 5 uur ’s middags. De chirurg hield namelijk spreekuur na zijn operatiedag. Er was een uitgebreid, zorgvuldig gesprek met de chirurg en zijn ‘rechterhand’, de manager/verpleegkundige, die de hele procedure regisseerde en dit al jaren deed. De chirurg gaf een duidelijke uitleg (met filmpjes van operaties op de laptop) en hield rekening met mijn omstandigheden en voorkeuren. Ik kon, na het vooronderzoek, een datum kiezen waarop ik geopereerd wilde worden, wachttijd drie weken. Ik kreeg een duidelijk kostenplaatje en een brief voor de verzekering. Elke vraag die ik stelde via de e-mail werd per omgaande beantwoord.
Ik ben perfect behandeld en nabehandeld. Ik voelde me meer een klant dan een afhankelijke patiënt. Ik blijf huiverig voor marktwerking in de zorg: een ziekenhuis is geen Albert Heijn. Maar de zorgsector kan wel iets leren van Albert Heijn: een patiënt is ook een klant.
Hanneke Groenteman (1939) is journalist en programmamaker voor radio en tv. Ze schreef drie boeken: Doorzakken bij Jamin, Dikke Dame en Bestemming bereikt?