E-health ligt voor het oprapen

Volgens promovenda Nicol Nijland ontbreekt bij veel e-healthtoepassingen de menselijke maat. Te vaak wordt vanuit de technologie geredeneerd, stelt zij. En dit verklaart volgens haar waarom artsen en patiënten niet overweg kunnen (of willen) met de technologische mogelijkheden die hun worden voorgehouden.

Ik denk dat Nijland de kern van het probleem niet raakt. Die kern is dat de zorgprofessional de technologische mogelijkheden het liefst gebruikt om voor zijn eigen behandeldoelen gegevens over de patiënt te verzamelen, vooral via het elektronisch patiëntendossier natuurlijk. De patiënt daarentegen wil juist dat hij de beschikbare mogelijkheden gebruikt om met hem of haar te communiceren, of om te zorgen dat hij beter over hem of haar communiceert met zijn collega’s.

Is daarvoor hoogwaardige technologie nodig, zoals Nijland suggereert? Zij bedacht een adviesrichtlijn voor het ontwikkelen, evalueren en toepassen van nieuwe e-healthtoepassingen. Maar ik denk dat de professionals eerst maar eens moeten leren de bestaande toepassingen te gebruiken. De gynaecologen en verloskundigen kibbelen nu met elkaar over de vraag waar zwangere vrouwen het veiligst kunnen bevallen. In plaats daarvan zouden ze ook gebruik kunnen maken van elkaars mobiele telefoonnummers, e-mailadressen en van Skype om te overleggen over de status van de zwangere vrouw. Dan kunnen ze samen adviseren of die vrouw wel of niet veilig thuis kan bevallen. En met dezelfde middelen kunnen ze haar ook in dit overleg betrekken.

Gewoon proven technology dus, niets bijzonders. Maak het niet zo moeilijk.

Delen