Favoriete pil – Het verhaal van San Michele

Kees de Kock (Rotterdam, 1960) is huisarts in Deurne. Zijn favoriete pil: de autobiografie Het verhaal van San Michele van de Zweedse arts en schrijver Axel Munthe.

Tekst: Frank van Kolfschooten | Beeld: De Beeldredaktie/John Peters

“Ik heb Het verhaal van San Michele van de Zweedse arts Axel Munthe al in mijn studietijd gelezen en heb het daarna aan vele mensen cadeau gedaan”, zegt huisarts Kees de Kock uit Deurne. “Het is een fantastisch geschreven, avontuurlijk boek, dat nog steeds zeer inspirerend is voor andere artsen, hoewel het al in 1929 is gepubliceerd.”

Axel Munthe (1857–1949) was de zoon van een Zweedse apotheker die in Frankrijk werd geschoold als verloskundige. In Parijs maakte hij naam als zenuwarts voor de betere kringen nadat hij bij een gravin met hardnekkige buikklachten de diagnose ‘colitis’ had gesteld. “Zij leed waarschijnlijk aan wat wij tegenwoordig het prikkelbaredarm-syndroom noemen”, zegt De Kock. “Zij was zo blij dat haar ziekte eindelijk een naam had, dat zij Munthe overal aanprees. Zijn wachtkamer liep daarna vol met vrouwen die wilden weten of zij ook colitis hadden.” 

Munthe liet zich goed betalen door deze patiënten, maar hielp ook gratis arme Italiaanse immigranten in de sloppen van Montparnasse. Hij verliet Frankijk in 1884 om onbezoldigd te helpen bij een cholera-epidemie in Napels, waarna hij zich vestigde in Rome. Daar werd  hij arts voor rijke Engelse en Amerikaanse expats. De zomers bracht hij door op het eiland Capri, waar hij eind negentiende eeuw de monumentale Villa San Michele liet bouwen, een huis dat De Kock zelf ook heeft bezocht.

‘Zeer inspirerend voor andere artsen, hoewel al in 1929 gepubliceerd’

Munthe begreep als geen ander dat je als arts moet beginnen met goed luisteren naar een patiënt en dat diens sociale context al belangrijke informatie kan opleveren over de oorzaak van lichamelijke en psychische klachten, zegt De Kock. “Ik beperk me zelf bij patiënten nooit tot hun directe klachten, maar vraag bijvoorbeeld ook altijd naar hun werk of thuissituatie omdat dat nuttige informatie kan opleveren.”

Bij mensen die bijvoorbeeld in de bouw hebben gewerkt is het goed mogelijk dat hun chronische pijnklachten daar een gevolg van zijn. Vaak laten foto’s dan ook afwijkingen zien die daarop wijzen. “Maar bij patiënten met aanhoudende klachten moet je het zoeken naar een lichamelijke oorzaak tijdig opschorten en de aandacht richten op aspecten als werk, gezin en bijvoorbeeld hun jeugd. De patiënt merkt zo dat je in hem of haar geïnteresseerd bent, wat de relatie ten goede komt. Je kunt zo bijvoorbeeld trauma’s op het spoor komen. Deze vormen niet zelden de basis voor aanhoudende klachten. Aandacht voor die aspecten kost misschien wat meer tijd, maar levert uiteindelijk veel meer inzicht op en betere zorg.”