Hebben Regionale toetsingscommissies euthanasie nog bestaansrecht?

Menno Oosterhoff
Menno Oosterhof is psychiater en kinder- en jeugdpsychiater. Over problemen in de zorg windt hij zich meer op dan goed voor hem is. Daarom schrijft hij daar blogs over, maar ook over inhoudelijke aspecten van de zorg, zoals de aard van psychische aandoeningen, vooroordelen daarover en over alle verschijningsvormen van de dwangstoornis. Daar weet hij meer van dan hem lief is, want hij heeft zelf een dwangstoornis. Lees alle artikelen van Menno Oosterhoff

In 1971 gaf de huisarts Postma haar moeder op haar verzoek een dodelijke dosis morfine. Ze werd vervolgd, schuldig bevonden maar kreeg alleen een symbolische straf van 1 week voorwaardelijk. Wie destijds zou hebben voorspeld, dat in 2021 bij 4,5 procent van het aantal overlijdens euthanasie zou worden toegepast, zou voor gek zijn verklaard. Toch leert het pas verschenen jaarverslag 2021 van de regionale toetsingscommissies dat van de 170 duizend overlijdens, 7.666 keer sprake was van euthanasie; 4,5 procent dus, iets meer dan voorgaande jaren, toen het steeds rond de 4 procent zat.

Zit dat wel goed? Daarvoor hebben we de regionale toetsingscommissie euthanasie (RTE). Bij ongeveer 95 procent riep de melding geen enkele vraag op. Bij ongeveer 5 procent, dus 400 meldingen, wel en dan doet die commissie uitgebreider onderzoek. In ruim 98 procent bleek dat het allemaal toch zorgvuldig was. Is dat dan wel nodig om het 400 keer nog eens onder de loep te leggen? Een loep vergroot ook nog eens. Ik ben het met vijf van de zeven keer dat de RTE oordeelde dat er niet aan de zorgvuldigheidseisen was voldaan niet eens, en twee vond ik zout op een slak. Toegegeven. Dat is een hoge score, wijzend op een Willem-Engelachtige dwarsigheid, maar toch.

‘Als de richtlijn strengere eisen stelt dan de wet is de wet doorslaggevend’

Twee keer gaat het over de wettelijke eis dat de consulent een onafhankelijk oordeel geeft. De RTE maakt daarvan, dat élke schijn van afhankelijkheid moet worden vermeden en dat je in de verste verte nog geen contact met elkaar moet hebben. Dat is onnodig strenger dan de wet.

Drie keer is er sprake van de eis van een onafhankelijk psychiater naast de SCEN-arts. Goh, zeg je, ik wist niet dat dat in de wet stond. Dat klopt. Het staat ook niet in de wet. De RTE beroept zich elke keer weer op het Chabotarrest. Maar daarin staat het ook niet. Luister naar de minister bij de bespreking van de WTL destijds: ‘Een vereiste van dubbele consultatie, dus door meer dan één arts of door een psychiater kan uit het arrest-Chabot, noch uit enige andere jurisprudentie worden afgeleid. Aangezien wij als zorgvuldigheidseis hebben opgenomen de consulatie van een tweede onafhankelijke arts die de patiënt zelf moet hebben gezien, wordt naar ons oordeel aan de overweging van de Hoge Raad voldoende recht gedaan.’ [1]

Dan kun je als RTE toch niet zeggen. Nou, daar denken wij anders over. Zich beroepen op de richtlijn kan ook niet, want de code zegt: ‘Als de richtlijn strengere eisen stelt dan de wet is de wet doorslaggevend’.

Overigens had twee van de drie keer een consulent van de EE niet gewezen op de strengere eisen van de richtlijn. Dat moet echt beter.

Dan nog twee keer onzorgvuldige uitvoering. Kleine slordigheidjes, lees ze maar na. Die worden bijna zeker geseponeerd. 7.666 keer euthanasie en allemaal goed of zo goed als goed.

Is het dan nodig zo’n uitgebreide toetsing in leven te houden, die vele miljoenen kost? [2] In de beginjaren misschien wel, maar inmiddels hebben we 20 jaar euthanasiewet en is maar één keer een arts voor de rechter geweest, en die is vrijgesproken. Als je de jaarverslagen van de RTE’s leest – ja dat doe ik; ik weet het, dat is niet normaal – dan valt op dat ze enorm in herhaling vallen. Steeds weer wordt casuïstiek besproken en wordt de wet uitgelegd, maar dat weten we nu wel. Afschaffen ben ik niet voor, maar het kan wel fors afgeslankt.

‘Heel veel ethische onrust heeft eigenlijk te maken met onwennigheid. Onbekend maakt onbemind, maar alles went’

Overigens is het aantal keren dat euthanasie verleend werd vanwege een psychische aandoening gestegen met 30 procent naar 115. Hoopgevend daarbij is dat ondanks deze grote stijging het percentage waarin niet verwezen was naar het Expertisecentrum Euthanasie (EE), is gestegen van 22 procent in 2020 naar 28 procent in 2021. Het lijkt erop dat het veld zelf zijn verantwoordelijkheid begint te nemen en niet meer alles afschuift naar EE. Dat zou vermindering van de onmenselijk lange wachttijd kunnen betekenen. Dat zal ook afhangen van de vraag of de toename van de bereidheid euthanasie te verlenen sneller gaat dan de toename van het aantal aanvragen. Op de lange termijn verwacht ik dat wel.

Ik voorspel dat over 50 jaar euthanasie op verzoek bij mensen met een psychische aandoening gewoon is geworden en dat we op deze periode terugkijken zoals we nu terugkijken op de casus van mevrouw Postma. Heel veel ethische onrust heeft eigenlijk te maken met onwennigheid. Onbekend maakt onbemind, maar alles went.

Misschien komt dat erg luchtig over, maar ik bedoel alleen de heilige verontwaardiging die ontstaat bij veranderingen te relativeren. Euthanasie verlenen blijft een serieuze aangelegenheid. Zo zal er over 50 jaar vast ook nog naar gekeken worden. Zou er dan ook nog een RTC zijn?


 

[2] Over kosten is dan weer niks te vinden op de website of in het jaarverslag

Één Reactie Reageer zelf

  1. Petra Sanders
    Geplaatst op 8 april 2022 om 09:10 | Permalink

    Mijn zoon van 16 jaar wacht al bijna een jaar op een kinderpsychiater. Eindelijk na 9 maanden heeft een huisarts vastgesteld dat hij vast zit in zijn denken . In zijn dwangdenken en dat komt vaker voor bij autisme. Ik vind het erg jammer dat hij niet gezien wordt door een kinderpsychiater. Ondertussen gaat hij wel
    Naar een zorgboerderij voor autisten . Ik hoop dat hij daarheen blijft gaan. Kunt U ons helpen? Met vriendelijke groeten

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*
*