Politiek akkoord vrije artsenkeuze

Minister Schippers van Volksgezondheid heeft donderdag een akkoord bereikt met coalitiepartijen VVD en PvdA en oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP over de vrije artsenkeuze. Er is overeengekomen dat de keuzevrijheid binnen de eerstelijnszorg overeind blijft, maar in de tweede lijn afhankelijk wordt van de gekozen zorgpolis.

 

Wanneer dit akkoord – dat nog door de Tweede Kamer moet worden goedgekeurd – in 2016 van kracht wordt, zullen verzekeraars niet langer verplicht zijn om zorg te vergoeden bij zorgverleners waarmee geen contract is afgesloten. In de praktijk komt dit erop neer dat de verzekeraar gaat bepalen naar welke ziekenhuizen, medisch specialisten of psychologen hun verzekerden wel en niet mogen worden doorverwezen.

Deze regeling geldt niet voor zorgverlening in de eerste lijn. Patiënten zullen hun eigen huisarts, tandarts en fysiotherapeut kunnen blijven kiezen.

Afhankelijk van de gekozen polis zullen verzekerden meer of minder keuzemogelijkheden hebben. Hoe duurder de polis, hoe meer keuzemogelijkheden. Bij de goedkoopste ‘budgetpolissen’ zal de variatie in het aanbod zeer beperkt zijn. Advocaat Gerard Spong stelde op 4 juni tijdens een debat rond de vrije artsenkeuze op BNR nieuwsradio dat hiermee de grondrechten van minder draagkrachtige patiënten worden aangetast. Het brengt hen volgens Spong in een positie waarin ze niet echt een keuze meer hebben, waardoor zij, financieel noodgedwongen, in “de wurggreep van de zorgverzekeraar komen.”

Als reactie op de plannen om de vrije artsenkeuze te beperken is VvAA – ledenorganisatie voor medisch professionals –  enkele weken terug een online petitie gestart om zorgverleners én patiënten tegen deze ontwikkeling in het geweer te brengen. Deze heeft inmiddels ruim 120.000 adhesiebetuigingen opgeleverd.

Op BNR-nieuwsradio laat Edwin Brugman, directeur kennismanagement en netwerken bij VvAA, weten zeer ontevreden te zijn met het bereikte akkoord: “Mensen kunnen als ze niet tevreden zijn nu kiezen voor een andere arts. Op het moment dat ze van mening zijn dat de arts niet functioneert, dan hebben ze alle vrijheid om naar een ander toe te gaan. Dat kan in de toekomst zelfs nog wel eens anders zijn. Daarbij komt dat zorgverzekeraars helemaal niet de kwaliteiten in huis hebben om de kwaliteit van zorgverleners te beoordelen.”

Luister hier het interview met Edwin Brugman terug.

Luister hier het BNR-zorgdebat terug.

 

3 Reacties Reageer zelf

  1. Alberts
    Geplaatst op 7 juni 2014 om 09:35 | Permalink

    Dit akkoord is ondermijnend voor samenwerking in de zorg, met name die tussen verwijzers en ziekenhuis/ GGZ partijen. Vaste samenwerkingsverbanden komen onder druk te staan, de polis (lees draagkracht) van de patient wordt leidend, niet de kwaliteit van zorg. Daarbij geldt in de GGZ dat de therapeutische relatie essentieel is voor het succes van de behandeling. Men kan zo’n relatie niet opdringen, die moet vrijwillig tot stand komen. Dit zal een misser van de bovenste plank blijken te zijn. Hopelijk komt de eerste kamer bij zinnen…

  2. Leo J van Oudheusden
    Geplaatst op 8 juni 2014 om 12:48 | Permalink

    Het huidige akkoord is een aantasting van grondrechten. Op het laatste congres van D66 is door mij namens een groep dat de patient empowerment met kracht bevorderd dient te worden. Deze motie is unaniem zonder tegenstem of discussie aangenomen. De D66 fractie is vooraf op de hoogte gebracht.
    Het resultaat van het akkoord staat haaks op deze motie
    met vr gr
    V oudheusden, kinderarts

  3. Daanvanophuijsen
    Geplaatst op 15 juni 2014 om 21:05 | Permalink

    Wat een misselijke zet van Schippers. Of ondanks Schippers? Wat is hier uitgeruild? Hoe dan ook, ik vraag me af of ik uberhaupt nog verzekerd wil zijn. Vrije keuze is niets waard als het alleen de huisarts betreft. Die wordt sowieso vervangen zonder inspraak van de verzekerde. Kan ik me ook aanmelden bij een buitenlandse ZV en daarmee voldoen aan mijn verplichting om verzekerd te zijn?