Wachten tot 2018

Frank van Wijck
Frank van Wijck is medisch journalist en houdt als freelancer op maandag, woensdag en vrijdag een weblog bij op de website van Arts en Auto. Lees alle artikelen van Frank van Wijck

Voor het tijdschrift Medische Oncologie, deze week verschenen, interviewde ik internist-oncologen Robbert van Alphen en Peter Nieboer en beleidsadviseur NIV Marjolijn Verstegen over de problematiek rond palliatieve zorg en DOT’s. De declaratie van geleverde palliatieve zorg is een probleem omdat palliatie alleen binnen een DOT mag worden geplaatst als de patiënt niet meer actief wordt behandeld. In de praktijk is de grens tussen actieve behandeling en palliatieve zorg vaak echter helemaal niet zo duidelijk.

De Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie en de Nederlandse Internisten Vereniging hebben binnen een traject van Palliactief en IKNL een voorlopige oplossing voorgesteld: de palliatieve zorgproducten vervangen door zorgactiviteiten, zodat duidelijk is wat de geleverde zorg is. Dit in afwachting van een definitieve oplossing, die moet komen van het nu in ontwikkeling zijnde kwaliteitskader van IKNL. Maar de Nederlandse Zorgautoriteit wilde hier niet aan. Die laat het probleem bestaan tot 2018, wanneer ze de gehele bekostigingssystematiek van de palliatieve zorg in samenhang wil aanpakken.

Ziekenhuizen blijven voorlopig geld toeleggen op palliatieve zorg

Dus blijven ziekenhuizen voorlopig geld toeleggen op de palliatieve zorg. Er zijn ziekenhuizen die meer budget toekennen, iets wat Nieboer in het interview ‘heel nobel’ noemt. Maar er is ook al een ziekenhuis waar het palliatieve team is gestopt om palliatieve zorg ook aan niet-oncologische patiënten te bieden. Begrijpelijk, want het krijgt daar geen vergoeding voor. Terecht zegt Van Alphen dit uit kwaliteitsoogpunt een achteruitgang te vinden.

Tegelijkertijd stelt Van Alphen dat het uitstel tot 2018 tijd geeft om de NZa te overtuigen van het feit dat de winst van tijdig starten met het palliatieve traject is dat de patiënt langer blijft leven met een goede structurele behandeling. Maar Verstegen is kritisch over de vraag of dit gaat werken. “De NZa heeft een strak juridisch kader en daar is moeilijk doorheen te prikken”, zegt ze.