Wijnwandelen in de Dentelles

Ongecompliceerd smullen en proeven. Ontspannen babbelen, maar ook discussiëren. En elke dag het feest van ontdekking in de wereld van wijnen.Culinair journalist Onno Kleyn proeft de sfeer tijdens een week ‘wijnwandelen’ in de Franse Dentelles.

Tekst: Onno Kleyn

 

Laten we er nou eens niet omheen draaien: dit is ideaal weer. De zon kiert laag vanuit het oktoberblauw en van heel ver zucht een windje tussen de eiken en de pijnbomen door, die daarop antwoorden met zilver geruis. De bries blaast alle muizenissen uit onze koppen, zodat we blij lopen te kijken en luisteren – ontvankelijk als kinderen. Om ons heen staan wijngaarden, veel nog groen, met ook al slierten geel erdoor, en rood. “Die rode, dat is carignan”, zegt Els. “Carignan is een wijndruif.” Els is de reisleider en vinoloog en de groep bestaat uit wijnwandelaars.

Om ons heen rijzen rotspieken omhoog. Rotspiekjes, voor wie de Pyreneeën of de Alpen gewend is. Dentelles heten ze, ‘kantwerk’, omdat ze hun kartelige kammen tonen als je in de vlakte staat. De vlakte is die van de Rhône, dat borstelige terrein achter Orange en Bollène, waar cipressen proberen de noordenwind te breken en de wijnstok de dienst uitmaakt.

Daar waar de grond begint te plooien en zich verheft om Dentelles te gaan heten, liggen de beste wijngaarden en een handvol uiterst goed gelukte dorpen: Vaison-la-Romaine, Vacqueyras, Gigondas en Séguret. Ze grossieren in vooral rode wijnen, vol en kruidig van geur en smaak, overweldigend soms.

Lees verder (pdf).

05-2014p048-051