Bekentenis

Frank van Wijck
Frank van Wijck is medisch journalist en houdt als freelancer op maandag, woensdag en vrijdag een weblog bij op de website van Arts en Auto. Lees alle artikelen van Frank van Wijck

Op Twitter zag ik een curieuze vraag voorbijkomen van een huisarts uit het zuiden van het land: ‘Wie durft nog meer te bekennen? #donorwet’. De vraag werd voorafgegaan door dit bericht: “Ik beken: ik ben donor (sinds 1990) en sta geregistreerd zowel in Nederland als in België”. Over mijn reactie hoefde ik niet lang na te denken: “’dat iets wat je moet durven bekennen? Ik ben het al sinds mijn studententijd.’ Na mijn dood mag de medische wetenschap alle organen van mij hebben waarmee anderen hun voordeel kunnen doen. Zelf heb ik er niets meer aan. Anderen mogelijk wel en hun aantal wordt alleen maar groter.

Natuurlijk plaatste de huisarts zijn tweet tegen de achtergrond van de felle discussie over de donorwet, dat begrijp ik. Ook is me bekend dat het aan de NS te danken is dat het wetsvoorstel van Pia Dijkstra (D66), om actief donororganen te gaan registreren, überhaupt door de Tweede Kamer is gekomen. Door problemen op het spoor kon PvdD-Kamerlid Frank Wassenberg niet op tijd aanwezig zijn om tegen te stemmen. Nu deze hobbel is genomen en het wetsvoorstel bij de Eerste Kamer is beland, lopen de gemoederen hoog op. Het is een dossier dat tot veel en diep gevoeld debat leidt en dit debat verdient het om te worden gevoerd. Het reflecteert zich in de standpunten die de Senaatsleden innemen nu ze voor de keuze staan om voor of tegen het wetsvoorstel te kiezen.

Van die Senaatsleden verwacht ik de wijsheid om tot een afgewogen oordeel te komen. Maar hoe dat ook uitpakt, zullen we in ieder geval afspreken dat niemand hoeft te ‘durven bekennen’ donor te zijn? Schaamte daarvoor is niet op zijn plaats.

8 Reacties Reageer zelf

  1. Edward Kriek
    Geplaatst op 31 januari 2018 om 20:18 | Permalink

    Volledig en voor de volle 100% mee eens met Frank.
    ” Durven bekennen” dat je een ander wilt helpen, dat is ondenkbaar.
    (Ook?) dit debat wordt vervuild door valse sentimenten en fake news, helaas.
    Ik durf wel te bekennen: ik vind dat als je geen donor wenst te zijn, je ook zo consequent moet zijn om, indien van toepassing ( geloof mij, ik wens het niemand toe) een aangeboden orgaan moet weigeren.
    Je organen liever aan de wormen of aan het vuur doneren? Prima.
    Maar eigenlijk denk ik dat dat ook een keus is. Met verregaande consequenties.

  2. Frank van Wijck Frank van Wijck
    Geplaatst op 31 januari 2018 om 20:49 | Permalink

    Bedankt voor je reactie Edward, dat stel ik op prijs. Of ik zo ver wil gaan als jij dat iemand die geen donor is ook een donororgaan zou moeten weigeren weet ik niet. In ieder geval vind ik discussie over de vraag of iemand die zelf geen donor is minder snel voor een donororgaan in aanmerking moet komen dan iemand die het wél is zeker realistisch.

  3. Edward Kriek
    Geplaatst op 31 januari 2018 om 21:05 | Permalink

    Hoe weeg je onnodige dood van een hart/lever/nier/longpatiënt af tegen de ongeïnteresseerdheid van iemand die zich niet laat registreren?

    De term ” ingrijpende invloed” wordt in deze discussie misbruikt, gekaapt.
    Diegenen die deze term gebruiken, hebben geen idee waar ze het over hebben.
    Verontwaardigd zijn als je organen NIET door wormen worden opgevreten.

    Ik snap het niet.

    Hoe moeilijk kan het zijn? Gewoon ” nee” zeggen?
    Niemand maakt mij wijs dat “nee” zeggen teveel tijd of geld kost. En niemand maakt mij wijs dat ” nee” zeggen een psychotrauma voor die persoon betekent.

  4. Frank van Wijck Frank van Wijck
    Geplaatst op 31 januari 2018 om 21:23 | Permalink

    Daar heb je absoluut een punt.

  5. Joep Scholten
    Geplaatst op 1 februari 2018 om 12:50 | Permalink

    Tja, daar raak je het gevoelige punt Edward. Zeg maar eens ‘nee’ tegen een patiënt die medisch technisch gezien in aanmerking komt voor een orgaandonatie maar zelf weigert zo’n lichaamsdeel af te staan als het bij hem/haar twaalf uur slaat!

    Zijn sommige mensen te dom om zo’n beslissing te nemen? Of te emotioneel van de kaart wellicht? Of gewoonweg onverschillig?
    Persoonlijk ben ik bang dat die laatste categorie wel eens oververtegenwoordigd zou kunnen zijn.

    Hoe helder kan en mag je als arts communiceren met zo’n patiënt om hem/haar daarmee te confronteren? En mag religie of een afgeleide daarvan in deze discussie de bepalende rol spelen?

    In zowel de tweede als eerste kamer kom je dit soort wel of niet uitgesproken sentimenten tegen. En met sentimenten blijkt het verdomd lastig omspringen. Zeker als het gaat om definitief doodgaan of nog een kans hebben op een zinvol voortleven.

    Geen idee hoe lang ik al een codicil in mijn portemonnee draag. Wel hoop ik dat het verstand mag zegevieren als het gaat om de kansen die voortschrijdend medisch inzicht biedt ook optimaal te benutten.

    Persoonlijk denk ik dat hier een schone taak ligt bij vooral de medische stand zelf. Niet zelden is het een kwestie van verbaal technisch voldoende op scherp staan wanneer zich de situatie voordoet. Veel beter is het om dit onderwerp eens aan te snijden als er nog geen leven of dood keus voor de deur ligt.

    Ik herinner me een geval van een arts, al weer enige tijd geleden, die bijna de helft van de in Nederland te transplanteren cornea’s voor zijn rekening nam. Hij bleek in staat de aanstaande nabestaanden voldoende empathisch en overtuigend te kunnen benaderen dat zij een lovenswaardige beslissing konden nemen. Van zijn aanpak valt te leren.

    Maar dat ontslaat de kiezende Nederlander er niet van om zelf ook na te denken over een besluit. De nieuwe wet is een duwtje in de rug. En zoals aan elk besluit, zou er ook bij dit besluit een consequentie voor je eigen toekomstige (on)mogelijkheden mogen hangen.

  6. Edward Kriek
    Geplaatst op 6 februari 2018 om 21:38 | Permalink

    Mag het recht op onverschilligheid zwaarder wegen dan het redden van 150 levens per jaar.
    Ik heb daar een mening over.

  7. Els Andrée Wiltens
    Geplaatst op 19 februari 2018 om 09:07 | Permalink

    Het cruciale punt in deze discussie is het zinnetje:
    “Na mijn dood”.
    Zo dacht ik eerst ook, maar nu hoor je van steeds meer kanten, dat dit niet klopt.
    Het lichaam van een donor is niet dood! Want van overleden personen kunnen geen organen gebruikt worden!
    De diagnose ‘hersendood’ wordt gesteld en de donor wordt zonder verdoving vastgebonden (vanwege de heftige ‘reflexen’!) op de operatietafel, opengesneden en de organen worden uit genomen.
    Durf dáár eens een paar kritische blogs aan te besteden!
    Ga eens kijken hoeveel chirurgen donor zijn?
    Hoeveel operatiemedewerkers?
    Ga eens praten met een hartchirurg, die geen harttransplantaties meer wil uitvoeren, vanwege de wijze waarop de uitname operatie plaatsvindt?
    Ga eens praten met nabestaanden, die afscheid moeten nemen van een warm, ademend familielid en een koud, beschadigd lichaam terug zien, waarbij het voorkomt dat er een van pijn vertrokken gezicht is?
    Kijk dit interview eens!
    https://yoo.rs/biz-art-lelystad/blog/hersendood-en-donor-1518000573.html?Ysid=88083
    Nee, ik ben geen donor, en ik wil ook geen orgaan van een ander.
    Als het mijn tijd is, ga ik dood.

  8. Suzanne Weelen
    Geplaatst op 12 april 2018 om 09:22 | Permalink

    AANVULLENDE informatie kan bij dit onderwerp geen kwaad. Ik vond bijvoorbeeld de link http://www.nationaledonorweek.nl/pdf/Update-19.pdf, in 2 minuten gedaan. Aanbevolen