Kansen voor (jeugd)GGZ op lokaal niveau

Jim van Os
Jim van Os is voorzitter van de Divisie Hersenen van het UMC Utrecht en wil een lans breken voor behoud van betekenisvol kunnen werken in de zorg. Lees alle artikelen van Jim van Os

In gemeenteland is deze weken de aandacht gericht op de begroting. Het gaat goed met Nederland, maar veel gemeenten worden met forse tegenvallers geconfronteerd. Dat betreft in het bijzonder de zorg voor mensen met een psychiatrische aandoening, en de jeugdzorg. Het gaat om stevige bedragen. Gemeenten klagen dat bij de overdracht van deze taken vanuit het Rijk niet de bijbehorende gelden zijn meegeleverd. Gevolg is dat opgebouwde reserves zullen verdwijnen. De potten raken leeg.

Maar afgezien van de centen, heeft de decentralisatie van zorgtaken gemeenten ook indringend geconfronteerd met problemen binnen de zorg. Zo klagen medewerkers in de zorg over de toenemende bureaucratisering. Men is veel tijd kwijt met rapportages en andere administratieve verplichtingen. Ook wordt gewezen op het al te gemakkelijk doorverwijzen van jongeren naar jeugdzorg. Te gauw krijgen jongeren een stempel. Of men wijst op een gebrek aan interne samenwerking. Er is sprake van een groot aantal organisaties en van een uitgebreid en zeer gedetailleerd geheel van protocollen. Ook leven er vragen over de marktwerking in de zorg. Met de decentralisatie werden ook al die gebreken op het bordje van de gemeenten gelegd.

De gezondheidszorg is het domein van deskundigen. Wie niet tot die groep behoort heeft geen toegang of wordt niet serieus genomen

Nu is het voor gemeenten nog niet zo eenvoudig om die problemen op te lossen. Velen binnen de zorg hebben belang bij instandhouding van het huidige systeem. Er is sprake van gestaalde kaders die vasthouden aan hun posities en zich niet gemakkelijk opzij laten zetten. Ook helpt niet dat er sprake is van een professionele houding. De gezondheidszorg is het domein van deskundigen. Wie niet tot die groep behoort heeft geen toegang of wordt niet serieus genomen. Men claimt zelfstandigheid ten opzichte van de buitenwereld die echter wel de kosten moet dragen. Zo beschouwt is de positie van gemeenten niet te benijden.

Maar er is niet enkel kommer en kwel. Men zou ook kunnen zeggen dat de decentralisatie kansen biedt om op lokaal niveau te experimenten en ingrijpende vernieuwing. Dat vraagt nieuwe verhoudingen tussen partijen en ook nieuwe vormen van samenwerking. Zo wordt er in Limburg en elders geëxperimenteerd met een nieuwe aanpak van de geestelijke gezondheidszorg (www.samenbeter.org). Daarin moeten protocollen wijken voor de ervaringen van patiënten.

Menselijke aandacht moet vaak wijken voor de inhoud van protocollen

Het besef dringt door dat de beschikbare kennis binnen de psychiatrie nog erg beperkt is en dat diagnoses vaak slechts het karakter hebben van het opplakken van een etiket. Zo is er toenemende kritiek dat een diagnose vaak weinig meer is dan het raadplegen van het Handboek DSM. Menselijke aandacht moet vaak wijken voor de inhoud van protocollen. Ook de resultaten van behandeltrajecten geven aanleiding om ervaringen van patiënten een veel belangrijker plaats te geven in de zorg. Daarnaast verdienen experimenten aandacht waarin sprake is van andere verhoudingen tussen organisaties. Of waarbij administratieve lasten worden teruggedrongen en plaats moeten maken voor zorgverlening.

Gemeenten moeten voor elkaar krijgen waar de landelijke politiek niet in is geslaagd

Nodig is dat gemeenten zich niet beperken tot het passief doorsluizen van gelden om een systeem te financieren dat in menig opzicht gemankeerd is. Dat is een lastige opgave want men moet gaan doen waar de landelijke politiek niet in is geslaagd. Die ambitie vraagt bovenal lef vanbestuurders. Gemeenten zouden ruimte moeten maken, eventueel in onderlinge samenwerking, om dergelijke experimenten op te zetten en van de ervaringen te leren.

Het is een keuze voor schaalverkleining waarbij de mens centraal komt te staan. Alsmaar meer budget voor instandhouding van een gemankeerd systeem is niet de oplossing. Dan bestrijd je symptomen. Je neemt de pijn weg maar houdt de onderliggende oorzaken in stand.

Deze tekst is tot stand gekomen in samenwerking met Mathieu Wagemans, raadslid in Leudal

 

 

10 Reacties Reageer zelf

  1. Hans van Eeken
    Geplaatst op 11 december 2018 om 18:34 | Permalink

    Beste Jim,

    Eerlijk gezegd ben ik positief verrast door deze column.

    Inmiddels werk ik al weer zo’n vier jaar in het sociaal domein en ik kan jullie uitspraak
    ‘Nu is het voor gemeenten nog niet zo eenvoudig om die problemen op te lossen. Velen binnen de zorg hebben belang bij instandhouding van het huidige systeem. Er is sprake van gestaalde kaders die vasthouden aan hun posities en zich niet gemakkelijk opzij laten zetten. Ook helpt niet dat er sprake is van een professionele houding. De gezondheidszorg is het domein van deskundigen. Wie niet tot die groep behoort heeft geen toegang of wordt niet serieus genomen.’
    uit de praktijk alleen maar bevestigen.

    Inmiddels ben ik ervan overtuigd geraakt dat als we ‘leken’ niet weer de ruimte geven die zij voor 1970 hadden, deze decentralisatie een onbegonnen zaak zal blijken.

    Met vriendelijke groet,

    Hans van Eeken.

    Ervaringswerker met herstelvisie.
    Facilitator zelfhulp(groepen) – de-escalerende crisisaanpak – Eigen Plan van Aanpak – actief in het sociaal domein – betrokken op de GGz.

    Tel. 06.33.80.33.84
    Twitter: @shakey3904

  2. G.J. Vos
    Geplaatst op 13 december 2018 om 08:24 | Permalink

    Dank voor deze zeer in inspirerende – en verstandige – bijdrage in een veld dat inderdaad wordt gekarakteriseerd door partijen met hun eigen taal en begrippen die het eigenlijke werk: het afstemmen van activiteiten op de leefwereld van mensen.

    Ook is kenmerkend dat er vele politieke en financiële belangen spelen van partijen (gemeenten, ggz-instellingen, leveranciers, patiëntenvertegenwoordiging, familievertegenwoordiging, kwaliteitskeurmerkenindustrie, ROM-industrie).

    We hebben dus meta-reflecties als deze nodig om partijen de ogen te openen en samen te werken. Wellicht zou u een serie workshops in VNG-verband kunnen organiseren?

    Het is juist goed om te denken in mogelijkheden, en niet zelden ontstaan er lokaal pareltjes van proeftuinen in de vorm van Nieuwe GGZ, een recovery college, een traumacentrum of een andere werkvorm. Laten we die koesteren en er van leren.

  3. Jim van Os Jim van Os
    Geplaatst op 13 december 2018 om 10:54 | Permalink

    Beste G.J. Vos, dank voor uw bericht; wij zijn uiteraard bereid een workshop te houden. Ook wij zien vele goede initiatieven in wijken die nadere studie behoeven.

  4. Eva J.
    Geplaatst op 13 december 2018 om 23:12 | Permalink

    Uw blog geeft hoop. Wellicht dat de schaalverkleining van de gemeente mogelijkheden biedt voor een betere organisatie van een humane ggz, die minder uitgaat van maakbaarheid en meetbaarheid. Hopelijk zal het marktdenken en de push om zich op te stellen als eisende “consument”, met alle pijnlijke gevolgen van dien, hier niet opnieuw worden uitgevonden.

  5. Jim van Os Jim van Os
    Geplaatst op 14 december 2018 om 10:35 | Permalink

    Dank Eva, een lichtend voorbeeld in deze context vind ik het initiatief van Enik Recovery College in Utrecht. Opgericht, bedacht en geleid door twee ervaringswerkers, Martijn Koole en Ton Verspoor.

    Een plek waar herstel leeft en waar mensen graag naar toe komen, zijn, en verder komen, zodanig dat er inmiddels een tweede vestiging is geopend. Ik zie het er van komen dat Enik gaat fungeren als de basale ‘Healing Community’ van waaruit je de verdere ggz vorm zou kunnen geven.

    Het interessante is dat Enik nu wordt bekostigd vanuit het sociaal domein, terwijl je natuurlijk net zo goed een krachtige casus kan maken voor bekostiging vanuit de ZVW. Probleem echter is dat het ‘product’ van Enik niet past in een DBC, waardoor een krachtig en effectief instrument niet bekostigd kan worden vanuit de gelden die hier eigenlijk voor bedoeld zou moeten zijn.

    Dit zijn de soort dilemma’s waar we aandacht voor vragen in gemeenteland.

  6. Hermanda Leeuw
    Geplaatst op 14 december 2018 om 14:07 | Permalink

    Enik van ervaringswerkers Koole en Verspoor is geweldig – een echte bijdrage. Dit in tegenstelling tot bombastisch geroep en gedoe van social media trollen die in de echte wereld weinig impact hebben. Ik zal geen namen noemen maar je kunt helemaal omhoog scrollen in deze feed voor een voorbeeld.

  7. H. van Delden
    Geplaatst op 14 december 2018 om 21:10 | Permalink

    ” Dit in tegenstelling tot bombastisch geroep en gedoe van social media trollen die in de echte wereld weinig impact hebben. ”

    Ik vermoed dus dat u het niet eens bent met mijnheer van Wijck, die ” trollen” een platform geeft?
    ( Betaald overigens door Artsenauto, en vooral haar abonnees? )

  8. Hermanda Leeuw
    Geplaatst op 15 december 2018 om 02:12 | Permalink

    Ha ha, nee zo hoog bedoelde ik nou ook weer niet – verder dan Hans van Eeken hoeft u niet te gaan (foei, heb ik toch een naam genoemd, excuus).

  9. A. Albadrawi
    Geplaatst op 15 december 2018 om 18:24 | Permalink

    Ik geloof ook dat sommige recovery college initiatieven zoals Enik veel verschil kunnen maken en zelfs de basis kunnen vormen van een nieuwe ggz, maar de blog ging vooral over de jeugd-ggz en wat is het equivalent van een recovery college bij deze leeftijdsgroep?

  10. Jim van Os Jim van Os
    Geplaatst op 23 december 2018 om 15:43 | Permalink

    Beste A. Albadrawi, sorry reageer een beetje laat, had je reactie gemist. Een vorm van werken in de jeugdzorg die je zou kunnen vergelijken met het principe van Enik recovery college is het nieuwe model van ‘headspace’ of ‘at ease’: laagdrempelige plekken waar jeugdigen gewoon informeel binnen kunnen komen om – anoniem indien gewenst – iet te bespreken met een professional or een peer. Het is een nieuwe vorm van jeugdggz die in Australië en Denemarken, en nu ook in Nederland, wordt geëvalueerd. Lijkt goed te werken – hier in Nederland zijn centra in Maastricht en Amsterdam.

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*
*