Kwaliteitsinstituut

Het beste ziekenhuis bestaat niet, stelt promovenda Hester Lingsma (Erasmus Universiteit Rotterdam) in haar proefschrift Meten van kwaliteit van zorg. En daarin heeft ze natuurlijk volkomen gelijk. Het ziekenhuis biedt niet één dienst, maar is een amorf beest met een veelheid aan diensten. In sommige daarvan excelleert het, in andere is het gewoon goed of gemiddeld en in weer andere presteert het onder de maat.

Langs verschillende lijnen worden kwaliteitsindicatoren ingezet om in beeld te krijgen hoe goed ieder ziekenhuis in iedere behandeling presteert. Dit blijkt nog niet zo eenvoudig, weten we op basis van de casus van Ziekenhuis Bethesda in Hoogeveen. Volgens zorgverzekeraar Menzis een topziekenhuis in borstkankerbehandeling en volgens CZ juist een ziekenhuis dat op dit gebied onder de maat presteert

Lingma pleit er dan ook voor kwaliteitsonderzoeken niet openbaar te maken zolang ze nog geen eenduidige uitkomsten bieden. De patiënt die moet kiezen waar hij zich wil laten behandelen, zou dan in verwarring raken. Precies wat de Inspectie voor de Gezondheidszorg een paar maanden geleden ook al stelde. Slimmer is het om al die uitkomsten te verzamelen en te laten beoordelen door het op te richten Nationaal Kwaliteitsinstituut Gezondheidszorg. De praktijk laat echter zien dat zorgverzekeraars hier niet op gaan wachten. En Algemeen Dagblad en Elsevier evenmin, want mensen zijn nu eenmaal gek op lijstjes en dan kunnen ze die krijgen ook.

Op academisch niveau heeft Lingsma dus gelijk met haar stelling. Maar daar houdt de praktijk geen rekening mee. Misschien moet Edith Schippers (VWS) dus maar eens wat meer vaart zetten achter de oprichting van dat Kwaliteitsinstituut. Ook dat kan de praktijk niet tegenhouden, maar het kan er wel verantwoorde sturing aan bieden.

Delen