Levensvatbaar?

De een noemt het een baanbrekende operatie. De ander vraagt “moeten we dit nou willen?” Beide reacties hebben betrekking op de operatie in het LUMC van een foetus van 23 weken. Het kind heeft een succesvolle intra-uteriene behandeling ondergaan. Die was nodig vanwege een verkleefde hartklep, die de linker hartkamer verhinderde te groeien.

Baanbrekend is een dergelijke ingreep zeker. Als Steven Spielberg het verfilmd had, had hij de hand van het kind vast even naar de chirurg laten reiken. Zo van: “Bedankt dat je me het leven gunt.” Maar blijkbaar zijn er dus ook mensen die zich afvragen of dit leven überhaupt een kans had moeten krijgen.

De vraag of we dit soort ingrepen moeten willen, laat zich op verschillende niveaus beantwoorden. Het eerste niveau is dat van de wetenschappelijke ontwikkeling. In dit verband is mijn antwoord een volmondig ja. Het is de taak van de medische wetenschap om oplossingen te bieden voor levensbedreigende ziekten. Het tweede niveau is het ethische. Dan gaat het om de vraag of het hier al wel of nog niet gaat om een levend wezen. In het antwoord op die vraag speelt de medische wetenschap wel een rol, maar niet als enige partij. Politiek en samenleving kunnen zich hierover ook een mening vormen. Mijn inschatting is dat we dit liever uit de weg gaan zolang het niet om ons eigen hachje gaat.

Het derde niveau is natuurlijk het financiële. Zo’n ingreep kost geld. Moeten we dat hieraan willen uitgeven, of kunnen we het beter besteden aan mensen die het geboortekanaal al gepasseerd zijn? Daar gaan wij niet over, zullen medisch specialisten zeggen. En daar hebben ze gelijk in. Ook hier zullen politiek en samenleving dus met een antwoord moeten komen. Maar ik zie het nog niet snel gebeuren.

Delen