Uitlaatklep – Duiken

In ‘Uitlaatklep’ vertellen collega’s op welke manier zij even stoom afblazen en loskomen van de hectiek van alledag. In deze aflevering: Franka Appelman, specialist ouderengeneeskunde in een verpleeghuis in Harderwijk.

Tekst: Martijn Reinink | Beeld: De Beeldredaktie/Marcel Krijgsman

Tijdens de eerste COVID-19-golf wordt duiken ontraden door de Nederlandse duikbond, vooral vanwege het risico op letsel en daarmee extra belasting van de zorg. Toch besluit specialist ouderengeneeskunde Franka Appelman (37) wel een keer te gaan, samen met haar partner. “Het was zó heftig op mijn werk dat ik die ontspanning echt even nodig had.”

Duiken staat voor haar synoniem aan ontspannen. “Als mijn partner merkt dat ik gestrest ben, zegt-ie: zou je niet even gaan duiken?” Met een lach: “Daarna ben ik weer makkelijk benaderbaar. Tijdens het duiken geniet ik van de stilte. Van het zweven, de gewichtloosheid. Alleen letten op je omgeving en op je ademhaling. Het is haast meditatie.” En dan is er nog het sociale aspect. “Via social media heb ik ‘duikbuddy’s’ door het hele land leren kennen, daar zijn vriendschappen uit ontstaan.”

Specialist ouderengeneeskunde Franka Appelman: ‘Dagenlang nagenieten van tientallen palingen’ 

Appelman ontdekt de duiksport vier jaar geleden, tijdens een vakantie op Bonaire. Ze volgt er een cursus, haalt haar onderwaterbrevet en weet één ding zeker: “Dít wil ik blijven doen.” Nu is de pracht en praal van het Caribisch duikparadijs niet te vergelijken met de Nederlandse onderwaterwereld, maar voor de specialist ouderengeneeskunde is er ook hier genoeg moois te zien. “Ik moet er een paar uur voor rijden, maar het liefst duik ik in de Oosterschelde. In het voorjaar zie je daar sepia’s, een inktvissoort, paren. In augustus komen de eitjes uit. Maar ook dichter bij huis word ik soms verrast. Afgelopen zomer ben ik een keer ’s avonds na het werk gaan duiken. Heb ik tientallen palingen gezien, er ging een wereld voor me open. Daar kan ik dan nog dagenlang van nagenieten.” 

In het zomerseizoen duikt ze meermalen per week, in de winter wat minder. “Elk jaargetijde heeft zijn charme. In de winter is er minder leven in het water, maar is het wel ontzettend helder. Dan speur ik bijvoorbeeld onder veenblokken naar vissen die zich daar verschuilen. Het is wel koud: je kunt je erop kleden, maar bij 4 graden houd je dat maximaal 45 minuten vol. Maar dat is genoeg om in een ‘happy-roes’ te komen.”