Wist ik niet!

Afgelopen weekend, bij bezoek aan vrienden, kwam het gesprek op zorgverzekeren, en op het financiële voordeel van overstappen. Onze gastheer is een paar jaar geleden behandeld voor een serieuze aandoening, gelukkig met goed resultaat. Maar dat ziektedossier blijft voorlopig open, inclusief periodieke controles – en dus “kan ik nu natuurlijk niet van verzekeraar veranderen.”

“Hoezo niet?”, vroeg ik quasi-verbaasd (want het antwoord voel je dan al aankomen). “Omdat natuurlijk niet één verzekeraar mij nu als klant wil, met die geschiedenis van mijn ziekte.” Ik haalde maar even diep adem, en gaf een kort hoorcollege over de basiselementen van ons zorgstelsel. Zoals de acceptatieplicht, bij alle zorgverzekeraars, voor de basisverzekering. En zoals het verbod op premiedifferentiatie op basis van gezondheidstoestand.

Dit gesprek ging nog wat verder, in een inmiddels blijere sfeer (“Wist niet dat dit zo mooi geregeld was!”), over een ‘privékliniek’ waar een wederzijdse bekende een aantal onderzoeken ondergaat, ook hier vanwege serieuze klachten. Waarbij het natuurlijk wél zo is, aldus opnieuw onze gastheer, dat ze daar extra véél van die onderzoeken doen. Omdat ze in zo’n privékliniek voor elke extra verrichting ook meteen extra kosten rekenen, zo werken die centra immers.

Opnieuw ademgehaald, voor een kort exposé over zbc’s, dbc’s, perifere ziekenhuizen, academische ziekenhuizen, specialisten-maatschappen, et cetera. Om op zijn minst duidelijk te maken, dat het enkele feit dat een behandelcentrum te boek staat als ‘privé’ of ‘zelfstandig’, echt niet betekent dat daar heel anders, en veel ‘commerciëler’, zaken wordt gedaan dan in een doorsnee ziekenhuis.

En dit verhaal gaat verder. Eergisteren memoreerde ik mijn ervaring van afgelopen weekend in een gesprek met twee mannen met beiden een serieuze positie in de Nederlandse mediawereld. Die hierop niet reageerden met verbazing, over die bizarre onwetendheid, maar juist met onverholen ópluchting: “Echt waar, dat een zorgverzekeraar je altijd moet accepteren? En dat je elk jaar kunt wisselen? Wist ik niet!”

Eerder schreef ik al eens over een andere vriend, die nooit ophoudt zich te beklagen over de schandalige ingewikkeldheid van ons zorgstelsel. Dit dwingt ons immers elk jaar opnieuw te kiezen voor welke levensbedreigende aandoeningen we onszelf nou wél of juist niet willen verzekeren…

Mijn punt is dit. Al deze mensen zijn hoogopgeleid en intelligent. En ook zonder meer wereldwijs – behalve dus op één terrein. Van de meest elementaire principes van ons zorgstelsel weten ze eigenlijk niks. En ik weet zeker dat dit geen incidenten zijn, en dat we hier te maken hebben met een breed maatschappelijk fenomeen.

Is dat erg? Ik denk van wel. Niet omdat meer kennis van zorgzaken direct zou leiden tot kostenbewustere zorgconsumptie. Dat is iets wat je vaak hoort, maar steeds zonder ondersteunende logica of feitelijke bewijsvoering. Hooguit kan je zeggen dat een beter bewustzijn van de mogelijkheid om van verzekeraar te wisselen, misschien bijdraagt tot meer concurrentie tussen zorgverzekeraars.

Maar de echte kwestie zit dieper. Weinig dingen in het leven, en in onze samenleving, zijn zo belangrijk, en zijn zo duur, als gezondheid en gezondheidszorg. Wie van dat laatste niet eens de meest basale dingen weet, schiet daarom tekort op geïnformeerd en effectief burgerschap. Dit geldt voor het onderwerp zorgverzekeren. Maar het geldt ook voor de essentialia van financiering, bekostiging en beloning – hoeveel Nederlanders weten bijvoorbeeld hoe precies hun huisarts wordt betaald?

En zolang relatief veel mensen, inclusief veel hoger opgeleiden, op dit punt naïef en onwetend zijn, houden we hier toch echt een probleem.

Delen