Zucht niet langer onder tucht

Menno Oosterhoff
Menno Oosterhof is psychiater en kinder- en jeugdpsychiater. Over problemen in de zorg windt hij zich meer op dan goed voor hem is. Daarom schrijft hij daar blogs over, maar ook over inhoudelijke aspecten van de zorg, zoals de aard van psychische aandoeningen, vooroordelen daarover en over alle verschijningsvormen van de dwangstoornis. Daar weet hij meer van dan hem lief is, want hij heeft zelf een dwangstoornis. Lees alle artikelen van Menno Oosterhoff

Recent gaf ik onderwijs over angststoornissen. Als laatste behandelde ik de tuchtvrees. De angst om voor de tuchtrechter te moeten verschijnen en onterecht veroordeeld te worden. Later bedacht ik, dat ik duidelijker had moeten zeggen dat deze vrees geen stoornis is. Angst is een voor overleven nuttige en noodzakelijke emotie. Een stoornis is het pas als het excessief is, meer dan gewoon en niet functioneel.

Zo ongewoon en vreemd is tuchtvrees echter niet. De kans dat je er ooit mee te maken krijgt is zeker als huisarts of psychiater groot. De kans dat het tot een veroordeling komt is niet groot, namelijk 15 procent, maar daarvoor moet je dan wel het nodige doen. Een verweerschrift schrijven, ter zitting verschijnen en nederigheid veinzen. Als het ongegrond wordt verklaard dan is er nog een behoorlijke kans dat je de hele riedel nog een keer over mag doen bij het centraal tuchtcollege.

In de 15 procent dat je veroordeeld bent, ga je daar zelf wellicht naar toe. In 60 procent(!) van de zaken oordeelt het CTC anders. Dat geeft wel aan dat het willekeur is. Russische roulette. Daar angstig voor zijn is heel begrijpelijk.

‘Het idee dat dan een clubje stuurlui aan wal, mij een waarschuwing of BERISPING (het woord alleen al) geeft, vind ik onverteerbaar’

Mensen met een dwangstoornis zijn er wellicht nog gevoeliger voor. Ik heb er zeker last van. Zoals veel collegae zet ik me met ziel en zaligheid in voor mijn werk. Het idee dat dan een clubje stuurlui aan wal, toepasselijk TUCHTcollege geheten, mij een waarschuwing of BERISPING (het woord alleen al) geeft, vind ik onverteerbaar. Een pretraumatische stressstoornis wil ik het bij mezelf niet noemen, maar er zijn zeker collegae, waarbij de angst wel dergelijke vormen aanneemt.

Maar dat is niet de reden waarom ik vind dat we in opstand moeten komen. Dat is, omdat het vaak focking (excusez le mot. Ik on het even niet laten) oneerlijk is én daardoor schadelijk voor de kwaliteit van de zorg. Dat is ook niet in het belang van de patiënt. Er moeten betere manieren zijn om de paar rotte appels eruit te halen dan te schieten op alles wat beweegt. Ik ben niet de enige die dit zo voelt, want onder dit blog kreeg ik al snel 720 steunbetuigingen. Samen met een paar anderen zijn we nu begonnen met de actie ‘Meer recht dan tucht’. Je kunt deze steunen op www.turecht.nl

Het zou solidair zijn als ook andere disciplines dan huisartsen en psychiaters tekenen. Die andere disciplines hebben er minder vaak mee te maken. Dat geldt ook voor andere Big-geregistreerde beroepen. Maar als we niks doen dan hebben we hier over 20 jaar Amerikaanse toestanden.

Één Reactie Reageer zelf

  1. joep scholten
    Geplaatst op 12 december 2021 om 13:03 | Permalink

    Dag Menno,

    Met belangstelling je boosheid gelezen over het zo langzamerhand anachronisme genaamd ‘Tuchtcollege’. Het duurde een tijdje tot ik er tegenaan liep tijdens mijn gesprekken met artsen.
    Tot mijn verbazing zag ik dat in dat instituut alleen maar artsen en juristen zitten, dus allemaal keurig opgeleide mensen die als beginnend student netjes in de pas liepen tijdens de ontgroeningsrituelen.
    (Ik vind al langer dat in allerlei controlerende organen vooral ook dwarsdenkers horen te zitten.)

    Wat mij in die kleine 35000 gesprekken met allerlei soorten artsen het meest bijbleef, was de onverwachte bekentenis van een MDL arts ergens in de jaren negentig. Ik schreef er een verhaal over dat als totaal ‘Stand by me’ heet, prachtig gezongen door Ben E King. Het gaat over de steun, uit welke hoek dan ook, die artsen (niet) ondervinden wanneer de shit van het systeem hen voor de voeten loopt en organisaties als de LHV, KNMG, de Inspectie niets ziend richting hemel kijken.

    Mooie pyjama
    Kort voordat hij hoogleraar werd, vertelt een maag/darm/lever arts me zijn verhaal. Ik vraag er niet om, maar kennelijk is er iets in ons contact dat deze ontboezeming vanzelfsprekend maakt. Ik luister geboeid als hij in een melange van verontwaardiging en verbazing zijn woorden kiest.
    Op een morgen komt een oudere dame van de afdeling voor een colonscopie. Patiënten zijn dan altijd wat gespannen en om haar gerust te stellen maakt hij een opmerking om haar aandacht wat af te leiden. ‘Een mooie pyjama draagt u,’ zegt hij. Niet veel later krijgt hij een oproep om zich te verantwoorden bij de medische tuchtraad. Mevrouw heeft zich seksueel geïntimideerd gevoeld.
    ‘Daar sta je dan,’ zegt hij, ‘aanvankelijk doe je nog een beetje lacherig, maar al snel voel je je besmeurd. Daarna word je boos, want het kost je een hele morgen. Maar het is ook leerzaam, vooral collega’s leer je anders kennen. Met een tuchtzaak aan je broek is het plotseling opvallend stil en leeg rondom je.’

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*
*