Arts en Auto – een begrip

Tijdens de Algemene beschouwingen refereerde Premier Rutte in een debat met Wilders voor de tweede keer aan Arts en Auto. Opnieuw bracht hij de titel in stelling als ultieme voorbeeld van het relateren van twee onderwerpen die totaal niets met elkaar te maken hebben. Altijd leuk zo’n verwijzing onder het oog van het Nederlands publiek, maar de premier – die hiermee zelf twee onderwerpen aan elkaar verbindt die niks met elkaar te maken hebben – slaat de plank wel een beetje mis. Een historicus als Rutte zou op z’n minst mogen vermoeden dat er wel degelijk een duidelijk historisch verband bestaat tussen de beide elementen uit de titel.

Arts en Auto is het verenigingsblad van VvAA, een organisatie die diensten en producten levert aan mensen en organisaties die in de gezondheidszorg actief zijn. De VvAA, die volgend jaar haar negentigste verjaardag viert, is in 1924 ontstaan als onderlinge verzekeringsmaatschappij voor artsen. In die tijd was het voor artsen nog gebruikelijk om vanuit huis te werken in plaats van het werk centraal in een ziekenhuis te doen. Voor spoedzorg reden de artsen bij nacht en ontij uit. Ze hadden haast om bij de patiënt te komen en straatverlichting bestond nog nauwelijks. Het gevolg: veelvuldige autoschade. Zo veelvuldig dat schadeverzekeraars die niet meer wilden vergoeden. Het antwoord van de artsen was een eigen waarborgmaatschappij: de Onderlinge Automobiel-Verzekering voor Artsen. Later werd deze naam omgedoopt in Vereniging van Artsen Automobilisten (VVAA).

In 1935 kreeg de vereniging een eigen ledenblad, met de op dat moment uiterst logische naam Arts en Auto. Een titel die sindsdien een begrip is in de medische wereld. Ook nu VvAA veel meer biedt dan autoverzekeringen en er binnen de redactieformule van Arts en Auto nog slechts zeer beperkt aandacht is voor auto’s, staat dit merk als een huis en zou het – om met hoofdredacteur Marjan Enzlin te spreken – van kamikazeneigingen getuigen om de titel aan te passen.

Dat het verband tussen artsen en auto’s anno 2013 minder sterk is, klopt. Dat de titel de inhoud van het blad en de website nog maar in zeer beperkte mate dekt, klopt ook. Maar dat arts en auto niets met elkaar te maken hebben, dat is toch echt niet juist.

2 Reacties Reageer zelf

  1. Jurriën Wind
    Geplaatst op 27 september 2013 om 10:03 | Permalink

    Het is natuurlijk maar de vraag of het prettig is om ‘ter sprake te komen in en tijdens een debat met Wilders’ maar toch zou ik het als reclame zien voor A&A. Want hoe is Rutte anders op de hoogte van het bestaan van Arts & Auto. Lijkt mij dan toch dat hij dat recent van Schippers heeft gehoord nadat bij haar de ministersspecial is afgegeven….!

  2. Jos Zwaans
    Geplaatst op 28 september 2013 om 10:27 | Permalink

    Ik denk ook dat Mark Rutte hierbij gekomen is doordat hij van Edith Schippers heeft gehoord van de speciale editie van A&A. Echter ik ben wel van mening dat de titel A&A de lading al lang niet meer dekt. VVAA is de laatste decennia enorm veranderd mede ook door de toetreding van de andere medische beroepen. Als je “recht”aan iedereen wilt doen dan zou VVAA de moed moeten hebben om een titel te gaan bedenken die weergeeft dat VVAA een pluriforme organisatie is. Een suggestie aan Marjan: schrijf een wedstrijd o.i.d. wie de beste titel kan bedenken voor het tijdschrift. Want uiteindelijk zie ik A&A als het tijdschrift van VVAA. Ik heb al wel een suggestie voor een de nieuwe naam: “VVAA Magazine”