Centraal Afrikaanse Republiek

Ton Koene
Ton Koene verliet in 2006 zijn baan als coördinator bij Artsen zonder grenzen om als freelance fotojournalist aan de slag te gaan in (post-) conflictlanden. Voor Arts en Auto schrijft hij columns over fotograferen. Ook is hij jurylid van de VvAA fotowedstrijd 2013. Zijn werk is te zien op www.tonkoene.nl. Lees alle artikelen van Ton Koene

Vorige week reisde ik als fotograaf samen met de artsen en verpleegkundigen van Artsen zonder Grenzen door het door oorlog verscheurde CAR. Mijn opdracht was het fotograferen en filmen van de noodhulp projecten die AZG in verschillende delen van het land uitvoert.

“Wáár ga je naar toe?” vroegen mijn – toch bijna allemaal universitair geschoolde – vrienden. “Centraal Afrikaanse Republiek” antwoordde ik. “Nooit van gehoord” was de doorsnee reactie, “is dat een land?’ Tja… is het dat eigenlijk wel?”

Ik fotografeer al jaren in conflictlanden, maar mijn eerste reis naar CAR stemde mij toch enigszins zenuwachtig. Met name vanwege de vele gewapende struikrovers die bekend staan voor het overvallen van auto’s op stoffige zandwegen. Onlangs nog zijn hulpverleners onderweg overvallen en bleven enkel in hun onderbroek achter in de brandende zon. Vorige maand was in de hoofdstad Bangui het gehele AZG- en Rode Kruiskantoor leeggeroofd en waren al hun terreinwagens gestolen.

Ik was voornamelijk bezorgd voor mijn dure fotoapparatuur. In maart vond er een coup d’etat plaats waarbij rebellen uit buurlanden Tsjaad en Sudan de macht overnamen. En nu zie je deze zwaarbewapende zonnebrildragende bendeleden overal in gejatte pickups rondrijden. De bevolking wordt geterroriseerd en is vanwege het gevaar de bush ingevlucht. Je kan je als journalist of hulpverlener niet beschermen tegen deze rebellen, je bent overgeleverd aan hun grillen. Of zoals een arts het cynisch omschreef: “je voelt je soms als een egeltje op de snelweg.”

De onveiligheid en de onbekwaamheid van de ongeschoolde rebellen hebben het land verder in ordeloosheid gestort. Geen enkel ministerie functioneert, ziekenhuizen en gezondheidsposten zijn leeggeroofd en de medische staf is weggevlucht. Er is behalve in de AZG-klinieken geen enkele gezondheidszorg meer in het land.

De Artsen zonder Grenzen komen tijdens hun werk in een mobiele kliniek of ziekenhuis werkelijk alle mogelijke tropische ziekten en infecties tegen. Door de oorlog zijn de weinige hiv-aids en tb-behandelingen onderbroken en neemt het risico op resistentie toe. Meer dan 80 procent van de patiënten die de AZG-klinieken bezoeken, wordt positief getest op malaria.  Ondervoeding onder kinderen neemt toe, want oogsten zijn mislukt.

Dus nee, beste vrienden, CAR is helaas nog lang geen land.

CAR-lowres1