Het boodschappenwagentje

Dienie Koolen-Goossens
Dienie Koolen-Goossens is zorgondernemer, logopedist en docent. Zij is bestuurlijk actief en heeft passie voor gezondheidszorg en onderwijs. Bekijk ook haar profiel op LinkedIn. Lees alle artikelen van Dienie Koolen-Goossens

Voelt u zich als huisarts of andere professional in de zorg weleens bekeken wanneer u aan het winkelen bent? Bedekt u de flessen wijn, eventueel zelfs sigaretten (foei!) of misschien de wattenstaafjes in uw karretje?

Ik heb de indruk dat je tegenwoordig meer een privéleven wordt gegund als vroeger. Het aureool van het vak huisarts is er dan misschien wat van af, maar dit is dan wel weer een voordeel.

“Goh, de dokter drinkt ook” hoor je niet zo gauw en is denk ik momenteel geen issue. Als logopedist had ik er sowieso weinig last van. Ik moet wel eens aan Laurent de Vries denken, tot voor kort directeur van GGD Nederland, die veel over preventie twitterde. Hoe zou hij zich voelen als hij zijn winkelwagentje vollaadt net nadat hij weer iedereen heeft gewezen op de nadelige gevolgen van alcohol, zout en vet? Hij heeft trouwens een nieuwe job aangenomen, hopelijk toch niet daardoor.

Wat ik wel meemaak is dat ouders hun kinderen heel bewust naar mij laten zwaaien, terwijl ik duidelijk zie dat ze op dat moment helemaal niet bezig zijn met logopedie. Of ik merk dat tieners zich bekeken (en beluisterd!) voelen wanneer ik ze in het winkelcentrum tref en ze zich verontschuldigen voor hun hese stem. Of ik zie een moeder die snel de fopspeen uit de mond van haar 4-jarige trekt.

Laatst voelde ik me wel wat bekeken, maar niet eens zozeer als professional in de zorg. Een klasgenoot van vroeger die voor me aan de kassa stond keek eens in mijn volle winkelwagentje en vroeg aan me of ik wist wat dat allemaal wel niet zou kosten? Hij opperde dat hij tegenwoordig wel vaker die vraag stelde omdat hij veel verspilling en overdaad zag en het was toch immers crisis! Nu kon ik nog uitleggen dat al onze kinderen dit weekend thuis kwamen. Toch hoop ik eerlijk gezegd dat hij de volgende keer in een andere rij staat. Want om me er dan vanaf te maken met: ja, we hebben een feestje, staat ook zo gênant! Toch thuis eerst maar eens kijken wat er nog in de kasten staat voordat ik ga winkelen. Want dat het wat minder kan, daarin moet ik hem en trouwens ook Laurent wel gelijk geven.