In gesprek: tandheelkunde en fysiotherapie

Hoewel je waarschijnlijk (meer dan) genoeg hebt aan je eigen opleiding, is het wel interessant om een kijkje in de keuken van een andere (para)medische studie te krijgen. Daarom brengt Arts en Auto Student regelmatig twee studenten van verschillende zorgopleidingen bij elkaar. Dit keer vragen Jarno Weidenaar (laatstejaars fysiotherapie) en Hadiel Aldarij (vierdejaars tandheelkunde) elkaar het hemd van het lijf.

Tekst: Martijn Reinink | Beeld: Privé

Het is maandagochtend acht uur als Jarno Weidenaar (22) zich meldt in een whatsappvideogesprek, waarna Hadiel Aldarij (21) wordt toegevoegd. Omdat Jarno in Groningen en Hadiel in Amsterdam studeert – én hun agenda’s overvol zijn – spreken en zien ze elkaar via hun telefoon.

Hadiel Aldarij

Maar ondanks de afstand en het vroege tijdstip, tonen beide studenten zich bijzonder enthousiast en geïnteresseerd. “Ik vind het een wonderlijk vak”, zegt fysiotherapiestudent Jarno over tandheelkunde. “Ik heb eens een paar tanden afgebroken. Die heeft de tandarts zó mooi gemaakt. Kan elke tandarts dat?”

Hadiel: “Na de opleiding tot tandarts kun je je differentiëren. Bijvoorbeeld in protheses, wortelkanaalbehandelingen of esthetische tandheelkunde. Zelf ga ik liever als algemeen practicus aan de slag, omdat ik alles leuk vind.”

Jarno: “Herkenbaar. In de fysiotherapie heb je bijvoorbeeld een specialisatie dry needling. Maar dan ben je alleen nog maar met naalden bezig. Dat vind ik donders zonde. Het is zo’n mooi, breed vakgebied.”

Hadiel: “Ik heb lang gedacht dat fysiotherapeuten zich alleen bezighielden met sportblessures.”

“Ik heb lang gedacht dat fysiotherapeuten zich alleen bezighielden met sportblessures”

Jarno: “Veel mensen beschouwen ons als veredelde massagetherapeuten. Maar masseren is maar een klein deel van het werk. We kijken veel breder. Soms ook naar psychologische en/of sociale problematiek. Waar komt de pijn écht vandaan? Zelf vind ik chronische pijnpatiënten, die pijn hebben zonder aanwijsbare medische oorzaak, een interessante doelgroep. Ik zou na mijn studie graag in een academisch ziekenhuis met deze patiëntenpopulatie werken. En jij? Weet jij al wat je later wil?”

Hadiel: “Misschien uiteindelijk een eigen praktijk, maar eerst maar eens als tandarts ervaring opdoen.”

Jarno Weidenaar

Jarno: “Hoeveel ervaring doe je al op tijdens de studie?”

Hadiel: “ACTA, waar ik studeer, is ook een tandartspraktijk. Eigenlijk loop je gedurende de hele studie stage. In het eerste jaar beginnen we al met boren.”

Jarno: “Écht?”

Hadiel: “Niet bij patiënten, maar op plastic tanden. In het derde jaar behandel je voor het eerst een echte patiënt. Het komt weleens voor dat je in de praktijk iets ziet wat je niet weet en dat je pas later tijdens een theorievak denkt: nú snap ik het. Hoe is dat bij fysiotherapie?”

Jarno: “Ik zou willen dat het bij ons zo zou gaan. De eerste twee jaar is bijna alleen maar theorie. In het derde jaar kies je een minor en pas nu, in het vierde jaar, ga je stagelopen.

Omdat ik wel praktijkervaring wilde opdoen, ben ik daar zelf naar op zoek gegaan. Ik heb bij Cambuur Leeuwarden gewerkt en ben een onderneming gestart: een mobiele massagepraktijk. Ik ga met een bakfiets door Groningen, langs kantoren en sportclubs.”

Hadiel: “Wat gaaf. Wil je dat voortzetten na je studie?”

Jarno: “Weet ik nog niet. Ik wil dus graag fysiotherapeutisch werk in een academisch ziekenhuis doen, maar ondernemen vind ik ook leuk. Verder geef ik zo nu en dan een workshop of gastles en dat vind ik óók ontzettend leuk. Ik zie mezelf wel als docent op een hogeschool werken. Een combinatie van die drie, dat is wel mijn ideaalbeeld.”

Hadiel: “Toevallig zeg. Ik heb een bijbaan als docent. Als invaller op een middelbare school geef ik wiskunde en scheikunde. Daar zou ik later misschien ook wel iets mee willen doen. Ik zie mezelf niet een volle werkweek aan de stoel staan.”

Survival mode

De studenten vertellen aan elkaar hoe hun (volgeplande) weken eruitzien. Die van Jarno bestaan voornamelijk uit studie, sport, baantje bij de sportschool en werkzaamheden voor zijn bedrijf. “Het kost geen energie, ik krijg er energie van.” Hadiel zit – naast haar studie en bijbaan als docent – in de studentenraad van VvAA én van de eigen beroepsvereniging.

‘Je mag niet ziek zijn’

“Als ik van een vriendin die geen medische studie doet, hoor dat ze zes contacturen per week heeft, denk ik weleens: wat heb ik allemaal op mijn bordje geschept? Ik begin elke ochtend om half negen. Soms zit ik in een soort van survival mode. Dat je vergeet hoe je je voelt. Rond de feestdagen was ik twee weken vrij. Toen merkte ik pas hoe moe ik was. In de master hebben we vakken waarbij je 100 procent aanwezig moet zijn. Anders moet je ze in de zomer inhalen. Dus ga je daar met 40 graden koorts gewoon heen. Je mag niet ziek zijn.”

Jarno: “Bij ons is 85 procent aanwezigheid verplicht, maar ook hier zie je veel gestreste studenten. Voor een hbo-studie heeft fysiotherapie een hoge studielast. Mij gaat het gelukkig goed af. Al vind ik het krijgen van een stageplek wel stressvol. Het is een loting. Je mag niet solliciteren. Voor hetzelfde geld zit je een half jaar op Ameland.

Maar als de eigenaar van een praktijk jou kent en zegt: ik wil die stagiair, dan mag het wel. Een beetje grijs gebied dus. Iedereen is bezig met connecties. Of maakt zich zorgen omdat ze geen connecties hebben. Je merkt dat men soms een beetje vals wordt.”

Hadiel: “Dat herken ik wel. Wij hebben in de bachelorfase een paar toetsen die je móet halen, anders moet je stoppen met de opleiding. Voor die toetsen heb je een getrokken tand nodig en dan wordt het onderling ineens een soort competitie. Dat vind ik jammer. Maar verder ben ik nog altijd superblij met mijn studiekeuze.”

Jarno: “Dat geldt zeker ook voor mij.”