Meer pensioen opbouwen

De Wet toekomst pensioenen, die op 1 juli van kracht werd, brengt grote veranderingen met zich mee. Zelfstandigen en werknemers zonder pensioenregeling hebben nu aanzienlijk meer mogelijkheden om aanvullend pensioen op te bouwen met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2023. Hiervoor is de formule voor het bepalen van het maximale pensioentekort, de zogenoemde jaarruimte, aangepast.

De jaarruimte bepaalt welk bedrag u als belastingplichtige fiscaalvriendelijk mag storten in een aanvullende oudedagsvoorziening, in de vorm van een lijfrente. Naast meer zekerheid voor later, heeft een lijfrente als voordeel dat u de inleg nu tegen een hoger inkomstenbelastingtarief in aftrek kan brengen, terwijl de periodieke uitkeringen vanaf AOW-leeftijd veelal tegen een lager tarief zijn belast. Een voorbeeld: voor iemand met een inkomen van €80.000,- bruto per jaar die geen pensioen opbouwt bij een werkgever of beroepspensioenfonds, stijgt de jaarruimte van €8.825,- naar €19.906,-. Dit is meer dan een verdubbeling. Bij een (afgetopt) inkomen van meer dan €128.810,- kan in 2023 maximaal €34.549,- worden opgebouwd. Dat was voorheen €15.317,-.

Moet u nu al uw geld in een lijfrente stoppen?

Ik kan mij voorstellen dat u niet elk jaar zo’n groot bedrag kunt missen. Daarvoor biedt de wet een mogelijkheid. U kunt namelijk de niet benutte ruimte inhalen, middels de verruimde reserveringsruimte. In de oude regeling was inhalen mogelijk tot maximaal 7 jaar terug. Dit is nu 10 jaar. Ook is het maximale bedrag dat via de reserveringsruimte kan worden benut verhoogd van maximaal €8.065,- naar €38.000,-. 

Moet u nu al uw geld in een lijfrente stoppen? Dat hangt af van uw persoonlijke situatie en voor welk doel u spaart. Een lijfrente is minder flexibel en is bijvoorbeeld niet geschikt als overbrugging om eerder te stoppen met werken. Kijk daarom altijd naar uw totale financiële situatie en laat u bij twijfel adviseren. 

Delen