O ja, de patiënt

Frank van Wijck
Frank van Wijck is medisch journalist en houdt als freelancer op maandag, woensdag en vrijdag een weblog bij op de website van Arts en Auto. Lees alle artikelen van Frank van Wijck

De voor de hand liggende reactie op de stelling dat betrokkenheid van de patiënt de kans van slagen van eHealth vergroot is een ironisch ‘Goh, je verwacht het niet’. Toch is die betrokkenheid precies wat we níet zagen tijdens de eerste golf van ontwikkeling van eHealth toepassingen voor de zorg in 2012/2013. Jaco van Duivenboden van Nictiz verwoordt in de Volkskrant helder wat toen gebeurde: veel aandacht, veel ontwikkeling, hoge verwachtingen, weinig blijvend resultaat. Geweldig dat wereldwijd inmiddels 259.000 medische apps ontwikkeld zijn. Maar als je ruim zeven eeuwen nodig hebt om die allemaal één dag uit te proberen, snap ik dat mensen denken: ‘Laat maar zitten, ik ga wel gewoon naar de dokter’.

‘Laat maar zitten, ik ga wel gewoon naar de dokter’

Zo gek is die voor de hand liggende conclusie dus nog niet dat de kans van slagen van eHealth vergroot wordt als de patiënt betrokken wordt bij de ontwikkeling en implementatie ervan. Als dit gebeurt is het gevolg hopelijk dat niet langer wordt uitgegaan van wat technisch mogelijk is, maar van waaraan de gebruiker behoefte heeft. Volgens Van Duivenboden is dat het uitgangspunt van de tweede golf van app-ontwikkeling, waar we nu in zitten. Het is dat daarin al mooie voorbeelden te zien zijn van apps die echt toegevoegde waarde hebben, maar anders zou je bijna zeggen: gooi al die eerder ontwikkelde apps uit het raam, ga met potentiële gebruikers aan tafel zitten en begin helemaal opnieuw. Dit vergroot aanzienlijk de kans dat patiënten nu eindelijk massaal wél gaan inzien dat medische apps op verschillende niveaus voordelen kunnen hebben. Niet alleen om de patiënt bij preventie en ziekte meer eigen regie te geven, maar ook om een besparing op de zorgkosten te realiseren. Iedereen klaagt over de zorgpremie, maar we kunnen de hoogte daarvan zelf beïnvloeden.

3 Reacties Reageer zelf

  1. Veronica van Nederveen
    Geplaatst op 5 januari 2018 om 16:15 | Permalink

    Beter laat dan nooit: luisteren naar de patiënt.
    Patiënt, zorgverlener en ontwikkelaar moeten gelijkwaardig met elkaar praten én beslissen.
    Dat moet je leren en dat kan je organiseren.
    Doen, in ons aller belang.

  2. Frank van Wijck Frank van Wijck
    Geplaatst op 6 januari 2018 om 14:16 | Permalink

    Het is inderdaad in ons aller belang maar het blijkt toch moeilijk te organiseren. Toen in 2006 het huidige zorgstelsel tot stand kwam, richtte een Oldenzaalse notaris het Verbond van Zorgverzekerden op, om te bespoedigen dat een gelijkwaardige driehoek zou ontstaan van zorgaanbieders, zorgverzekeraars en zorggebruikers. Op een paar geïnteresseerden na kwam niemand zijn stoel uit. Nu, twaalf jaar later, is die verzekerde/patiënt (wat overigens zeker niet per se hetzelfde is) beslist beter in beeld gekomen. Maar van volledige gelijkwaardigheid is nog lang geen sprake.

  3. Veronica van Nederveen
    Geplaatst op 6 januari 2018 om 21:22 | Permalink

    Eens, van volledige gelijkwaardigheid is nog steeds geen sprake. Dat merken patiënten dagelijks.
    Mee door mijn activiteiten voor patiënten participatie weet ik dat zowel de dokters als de patiënten er nog erg aan moeten wennen. Dokters vinden het eng en patiënten zijn vaak niet goed geïnformeerd over de mogelijkheden. Zolang het Patiëntenplatform Nederland in de zorg dé gesprekspartner is voor patiënten zaken, zullen we nog erg veel geduld moeten hebben. Ik heb recent bij VWS uitgelegd dat het te lang duurt. En dat er meer (en betere) patiëntenstemmen zijn dan alleen dit platform. Overleg met VWS krijgt vervolg. Ik hoop dat het helpt.