Onsterfelijk

Flip Vuijsje
Flip Vuijsje studeerde politieke wetenschap en sociologie; was hoofdredacteur van onder meer Intermediair en Arts en Auto, en heeft zijn eigen bureau voor redactionele hulp bij zorgpublicaties (www.bureauflipvuijsje.nl). Lees alle artikelen van Flip Vuijsje

Twee keer eerder al schreef ik over David Bowie. Hier in mijn blog voor Arts en Auto, begin december 2015, was de aanleiding die grote tentoonstelling in Groningen, maar was mijn eigen invalshoek zijn ‘medisch dossier’. Ook toen al viel daar veel over te vertellen. Zoals de hartproblemen die in 2004 een plotseling einde maakten aan zijn live-optredens. En zoals de vele gevallen van mental illness in zijn familie aan moederskant. Maar het belangrijkste onderwerp ontbrak, om de simpele reden dat buiten een kleine kring van intimi de wereld daar toen nog niks van wist.

De tweede keer schreef ik in de Volkskrant, op 8 januari 2016, nog steeds zonder vermoeden van wat twee dagen later zou gebeuren. Aanleiding was dit keer Bowies 69ste verjaardag, en het verschijnen van zijn nieuwe album Blackstar. Invalshoek was dit keer een onbelichte kant van zijn leven en loopbaan: de extreem lange weg, bijna een decennium lang, die hij professioneel moest afleggen voordat echt duurzaam succes was bereikt. Een verhaal van niet alleen talent. Maar ook van ambitie, en vooral van doorzettingsvermogen en ijzeren wilskracht – ook bij tegenslag.

Dat ik nu opnieuw nog een keer over hem schrijf, is natuurlijk omdat morgen zijn eerste sterfdag is. Maar ook omdat ik nu al ieders aandacht wil vragen voor de prachtige documentaire die de BBC afgelopen zaterdag over de laatste vijf jaren van David Bowies leven uitzond, en die later deze maand ook bij ons eigen NPO te zien is.

Veel over zijn ziekte komen we in die film niet te weten. Behalve dan dat pas kort voor zijn overlijden voor hemzelf duidelijk werd dat de toestand hopeloos was. Die fameuze video van Blackstar-track ‘Lazarus’, vol connotaties van ziekte en dood, blijkt bijvoorbeeld vooral bedacht door de regisseur van deze clip, die zelf toen nog niet van de ziekte wist.

Wat deze film vooral de moeite waard maakt, zijn de ervaringen van de (Amerikaanse) muzikanten die meewerkten aan Bowies laatste twee albums. En het vele commentaar van Tony Visconti, al vanaf begin jaren zeventig producer van veel van het allerberoemdste werk. En tussen die focus op die laatste ‘Five Years’ door, zijn ook er allerlei mooie flashbacks naar vroegere periodes, zodat het beeld dat we krijgen compleet is.

We hebben het afgelopen jaar in de media veel gehoord over het grote aantal overleden ‘celebrities’. Met daaromheen ook vragen als: wat is er toch aan de hand dat er ineens zo véél doodgaan? En: wat betekent dit voor óns, als achterblijvende en treurende bewonderaars en fans?

Die eerste vraag is intussen al wel beantwoord, door verstandige stemmen in diezelfde media. Er zijn intussen gewoon steeds meer celebrities dan vroeger, door die explosie van populaire cultuur, media en communicatie van de afgelopen halve eeuw. Dus zullen er nu ook steeds meer gaan overlijden, en wat we nu meemaken is nog maar een eerste begin.

En wat dat voor ons-nog-levenden betekent? Ik denk eigenlijk: niet zo veel. Om te beginnen doordat we niet iedereen die beroemd is, om alleen die reden over één kam moeten scheren. Natuurlijk: iedereen kent ze, succesvolle acteurs en ‘mensen van de televisie’. Maar zodra die ons eenmaal voorgoed hebben verlaten, zijn ze door de bank genomen al weer snel en voor altijd vergeten.

Bij rocksterren ligt dit anders. Hun reputatie is niet gebaseerd op alleen optreden en performance, maar ook op het feit dat ze bijna altijd ook zelf degenen zijn die hun eigen oeuvre hebben gecreëerd. Dit geeft ze een heel ander soort uitstraling, van veel hogere orde en betekenis. Niet die van allereerst ‘bekend zijn vanwege het bekend zijn’. Maar bekend zijn, en beroemd en geliefd, omdat je iets unieks hebt gepresteerd dat bijna niemand anders kan.

Hier komt nog bij dat muziek een medium is van een laagdrempeligheid en toegankelijkheid die bijna nergens mee is te vergelijken. Je muziek kan je altijd meenemen en overal bij je hebben, op een manier die juist het afgelopen decennium nog weer een nieuwe, hoge vlucht heeft genomen. En je hebt er alleen maar je oren voor nodig, en niet je ogen; zodat je er bijna altijd en overal van kunt genieten, ook terwijl je nog iets anders doet. (Zoals het schrijven van een blog.)

Dit betekent dat ook nadat een rockster eenmaal dood is, hij toch gewoon ‘onder ons’ blijft, om altijd weer te beluisteren en van te genieten. Van die aller-allergrootsten zijn er nu dus twee niet langer onder ons (de andere is John Lennon.) Het komend anderhalf decennium zullen ook veel van de overigen uit die super-topcategorie overlijden. De namen zijn bekend, zelf tel ik er zo’n stuk of tien. Maar ook als zij eenmaal dood zijn, zullen ze evengoed onsterfelijk blijken.

En o ja, alvast noteren dus: NPO 2, 19 januari om 22.55, David Bowie: The Last Five Years.