Winterklaar

Ferdinand Wit
Ferdinand Wit is manager Beleggingen & Treasury bij VvAA. Lees alle artikelen van Ferdinand Wit

Buiten hoeft uw tuin wellicht niet winterklaar gemaakt te worden, maar binnen kan het met het korten van de dagen lonend zijn om nog eens een extra blik te werpen op uw financiële zaken. Ik licht daar een specifiek, sterk tijdgebonden onderwerp uit: uw privévermogen in box III.

In Nederland draagt iedereen met privévermogen zijn steentje bij aan de benodigde financiering van (mede) door het Rijk bekostigde zaken, zoals onderwijs, justitie, defensie en zorg. Vermogensrendementsheffing is een soort solidariteitsbelasting ter hoogte van een bepaald percentage van de waarde van uw privébezit op 1 januari. Dat privébezit bestaat uit onder meer banksaldi, spaargeld, deposito’s, beleggingen en onroerend goed (met uitzondering
van het eerste eigen woonhuis in box I).

Box III-belasting wordt progressief

Over de hoogte van de box III-heffing is de afgelopen jaren veel te doen geweest, mede gelet op de lage rente. Het belastingtarief van box III is 30 procent van een door de fiscus verondersteld rendement van 4 procent. Dat betekent dat u per jaar 1,2 procent belasting betaalt over uw privévermogen boven de geldende vrijstelling. Om enigszins tegemoet te komen aan de jarenlange kritiek wordt de belasting van box III vanaf 1 januari 2017 progressief gemaakt: van circa 0,9 procent voor vermogen tussen € 25.000,- en € 100.000,- tot 1,65 procent voor vermogen boven € 1 miljoen (en circa 1,4 procent ertussenin).

Deze wijziging van de belastingdruk op uw privévermogen zou geen grote invloed moeten hebben op de beslissing over hoe u uw box III-vermogen spaart en/of belegt. Die beslissing baseert u als het goed is onder meer op de mate waarin u er risico mee kunt en wilt lopen, maar niet op de hoogte van de jaarlijkse kassabon van de Nederlandse fiscus.

Zolang het echter elke dag wat eerder donker wordt, kunt u jaarlijks desgewenst wel de omvang van uw box III-vermogen (en de kassabon van de fiscus) reduceren, bijvoorbeeld via toch al voorgenomen consumptieve bestedingen, box I-hypotheekaflossing of schenkingen.