Kliniek in de garage

Het is anno 2021 een zeldzaamheid in de veterinaire sector: een dierenarts die een solopraktijk aan huis begint. Maurice Kuyten vertelt waarom hij die keuze maakte en hoe hij het aanpakte.

Tekst: Martijn Reinink Beeld: De Beeldredaktie/Marco Bakker

Hij heeft altijd een eigen praktijk geambieerd, maar het duurde wel wat loondienstjaren voordat dierenarts Maurice Kuyten (34) de sprong waagde. “Ik wilde eerst ervaring opdoen. Wat sterker in mijn schoenen staan. Nu ben ik er klaar voor én de mogelijkheid deed zich voor.” Doordat de prijzen op de woningmarkt de pan uit rijzen, kon hij zijn huis ‘goed’ verkopen en dat geld gebruiken om een kliniek te starten. “Een praktijk overnemen is haast onmogelijk, want investeringsmaatschappijen overbieden je aan alle kanten. Bovendien wilde ik het liefst een kliniek aan huis. Bij de praktijken waar ik heb gewerkt, vond ik de reistijd, zeker tijdens spoeddiensten, best belastend. En patiënten in opname kan ik met een praktijk aan huis veel beter monitoren.”

Met dat ideaal in zijn hoofd, zocht Kuyten naar vestigingsmogelijkheden rondom Hoorn, waar hij de helft van zijn werkende leven doorbracht. Hij stuitte op een te koop staand huis in een woonwijk in het West-Friese Zwaag, op een perceel van 1.400 m2. “In die regio was nog geen dierenkliniek. Bij dit huis zat een losse garage met kelder, waar ik een operatie- en spreekkamer kon maken, en in de toekomst zelfs nog een röntgenkamer.” Maar een hypotheek van ruim 6 ton, daar kon de dierenarts geen aanspraak op maken. “Gelukkig hebben mijn vriendin en ik een privé-investeerder bereid gevonden om het voor ons te kopen. We zijn een huur-koopcontract overeengekomen, waarbij we na vijf tot zeven jaar het eerste recht op koop hebben.”  

Patiëntenbestand opbouwen 

Na de nodige verbouwingswerkzaamheden opende dierenkliniek Zwaag in augustus van dit jaar de deuren. In de opstartfase wordt Kuyten geassisteerd door zijn vriendin. Op termijn hoopt de dierenarts personeel aan te nemen, maar eerst is het zaak een patiëntenbestand op te bouwen. Dat doet hij door zich te onderscheiden, zowel in de diersoorten die hij behandelt (“Ook met vogels en reptielen kunnen mensen bij mij terecht”), als in de vergoeding die hij vraagt. “Ik heb weinig kosten, dat heeft ook invloed op de prijs én ik kan dieren hier na een operatie goed verzorgen en monitoren.”

Een andere ‘USP’: samen met Dierenkliniek De Streek in Bovenkarspel staat Kuyten in de nachten en weekenden stand-by voor spoedzorg. Bijzonder, want bijna alle andere dierenartsen in de regio draaien geen diensten meer en verwijzen patiënten naar spoedklinieken in Amsterdam en Zwanenburg. “Daar kunnen ze de druk bijna niet aan”, weet Kuyten. “Bovendien moeten mensen met een dier in nood dus een half uur rijden en niet iedereen heeft de beschikking over een auto. Ik vind dat dat niet kan.” En dus draait hij nacht- en weekenddiensten. Betekent wel dat het zo kan zijn dat de dierenarts ’s nachts staat te opereren en de volgende ochtend gewoon spreekuur heeft. “Officieel mag dat misschien niet, maar er is momenteel geen andere optie. Gelukkig heb ik niet zo veel slaap nodig en we wisselen de diensten af. Wel hoop ik dat er nog meer praktijken toetreden tot onze dienstgroep, zodat het wat behapbaarder wordt. Al vind ik het niet erg om op zaterdag of zondag te werken. Dan had ik maar geen praktijk aan huis moeten beginnen.”

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*
*