Arjeplog, voor al uw autotests

Ooit was Opel de eerste die er neerstreek, maar tegenwoordig testen vrijwel alle Europese automerken hun nieuwe modellen en technieken in het Noord-Zweedse Arjeplog.

Tekst: Bart van den Acker | Beeld: Mercedes-Benz

Zo’n negenhonderd kilometer ten noorden van Stockholm en circa honderd kilometer ten zuiden van de poolcirkel ligt, op een eiland tussen twee meren, het Zweedse dorp Arjeplog. In de wintermaanden trekt dit midden in de wildernis gelegen plaatsje niet alleen skiërs, maar ook tal van Europese automerken. Doel van hun komst naar dit deel van Zweeds Lapland: het onder extreme omstandigheden testen van toekomstige modellen en vooral ook nieuwe technieken. Van november tot eind maart is het in Arjeplog namelijk altijd minstens tien graden onder nul; de temperatuur kan er tot wel veertig graden onder nul dalen.

Voor de technici is het vooral belangrijk dat de condities heel constant zijn zodat de meetresultaten onderling goed vergelijkbaar zijn, ook al zijn ze op verschillende data vastgesteld. Een ander voordeel van de wildernis rondom Arjeplog: er is vrijwel geen lokaal verkeer, waardoor metingen met heel lage of hogere snelheden niemand hinderen. En, is de gedachte achter de keuze voor dit noordelijke deel van Zweden: als de techniek onder deze omstandigheden goed werkt, zal die in de veel minder extreme winters in de rest van Europa zeker geen problemen opleveren.

Voor de technici is het vooral belangrijk dat de condities heel constant zijn

In de omgeving van Arjeplog wordt van alles getest. De bijna tweeduizend kilometer aan testroutes is voor een deel uitgezet over de keihard bevroren meren. Motoren – en dan vooral koelsystemen – hebben het hier zwaar. Transmissies moeten blijven werken, automaten moeten ook bij extreme kou blijven schakelen. Dat winterbanden hier op de proef worden gesteld spreekt voor zich, maar ook vierwielaandrijving en andere aandrijfsystemen kunnen hier tot het uiterste worden getest, net als elektronica die gevoelig voor kou is. Allerhande moderne veiligheidssystemen en technieken om de bestuurder te ondersteunen, zoals herkenning van obstakels, moeten het immers ook bij vrieskou gewoon blijven doen.

Actueel en mede daardoor heel aansprekend is uiteraard elektrische aandrijving. De capaciteit van een normale accu vermindert heel snel zodra het vriest. Dat geldt ook voor de huidige generaties batterijen van (semi)elektrische auto’s. Grote vraag daarbij is: hoeveel minder wordt de capaciteit (en daarmee de actieradius van de auto) als het zó koud is? En hoe zit dat met alternatieve batterijtechnieken ter vervanging van de huidige Lithium-Ion-batterijen die in vrijwel alle elektrische auto’s zitten?

Doorgewinterd

Opel was destijds het eerste automerk dat in Arjeplog neerstreek, intussen zo’n vijfenveertig jaar geleden. Nu hebben ook BMW, Fiat/Chrysler, Land Rover en dus ook Opel – tegenwoordig PSA – er permanente vestigingen. Dat geldt ook voor toeleveranciers als Continental (banden), BorgWarner (transmissies), GKN (aandrijfsystemen) en Bosch (elektronica in de meest brede zin). Andere autofabrikanten huren er faciliteiten. En er zijn inmiddels verschillende bedrijven gevestigd die werkplaatsen, laboratoria, meet- en regeltechniek en infrastructuur aanbieden.

Uiteraard geldt bij alles wat er gebeurt strikte geheimhouding. De prototypes van toekomstige nieuwe modellen worden zwaar gecamoufleerd en vaak is niet eens duidelijk om welk merk het gaat. De foto van de nieuwe elektrische Mercedes-Benz EQC op deze pagina’s, met de ster prominent op de neus, is dan ook waarschijnlijk in scène gezet. Wat al die bedrijven en merken hier doen, blijft strikt geheim, totdat iets in productie gaat.

Spionagefotografen

Arjeplog (normaal zo’n drieduizend inwoners, in de winter soms het dubbele) telt slechts een paar restaurantjes en natuurlijk lopen technici van de verschillende merken elkaar daar tegen het lijf. Het is een soort erecode om dan niet inhoudelijk over het werk te praten. Die geheimhouding weerhoudt doorgewinterde spionagefotografen er echter niet van hier ook neer te strijken in de hoop een primeur te schieten.