Australie: Zwarte zomer

Het ongekend grote vuur is nog maar nauwelijks gedoofd of hulpverleners in Australië moeten zich alweer schrap zetten voor de gevolgen van COVID-19. Dat ze ervaring hebben met grote crises, blijkt uit hun verhalen over de zwartste zomer ooit.

Tekst: Maarten van Dun | Beeld: Shutterstock

Judith Kiejda is net terug van een dagenlange reis langs ziekenhuizen in het zuidoosten van Australië, waar ongekende bosbranden een gebied zo groot als de Benelux in de as legden. Als vertegenwoordiger van de vakbond voor verplegend personeel, de New South Wales Nurses and Midwife Association, sprak ze dagenlang met artsen en verpleegkundigen.

“Eén gesprek staat me nog zeer helder voor de geest”, zegt Kiejda. “Ik sprak met een arts die verantwoordelijk was voor honderd bedden in een ziekenhuis midden in een gebied waar een bosbrand woedde. De arts kon de vlammen door de ramen zien, hij wist dat het ziekenhuis elk moment door het vuur omringd kon zijn.

“Hij wist dat het ziekenhuis elk moment door het vuur omringd kon zijn”

Zijn familie zou op dat moment worden geëvacueerd, omdat ze gevaar liepen. Hij kon hen niet bereiken. Toen moest hij kiezen tussen zijn patiënten en zijn familie. Hij koos ervoor om in het ziekenhuis te blijven en voor zijn patiënten te zorgen.”

Indrukwekkend

De verhalen van Australisch medisch personeel over de horrorzomer zijn indrukwekkend. Door jarenlange droogte, hoge temperaturen en harde wind trokken vernietigende bosbranden door Australië. Meer dan 30 mensen kwamen om het leven. Naar schatting een miljard dieren stierven door de vernietiging van hun leefgebied en duizenden gebouwen brandden af. Boven miljoenensteden als Sydney, Melbourne en Canberra hing wekenlang een dikke laag rook.

Prof. John Wilson 

Longarts in het Alfred Hospital in Melbourne

“Het heeft mij positief verrast dat ik weinig patiënten heb behandeld die hun letsel heel dicht bij het vuur hadden opgelopen. Gelukkig maar, want longklachten van brandweerlieden en mensen die hun huis tegen de vlammen willen beschermen zijn doorgaans ernstig. Gelukkig zijn er recent in Australië veel voorlichtingscampagnes geweest om mensen te waarschuwen voor het gevaar van de rook. Bovendien zijn er goede gezichtsmaskers die tegen giftige rook beschermen. 

Maar ook verder weg van de brandhaard zorgde de rook voor problemen. Daarvan merkte ik des te meer. Dagenlang waren steden als Sydney, Melbourne en Canberra bedekt onder een dikke laag rook. Dat had grote gevolgen voor mensen met long-
aandoeningen zoals astma en emfyseem. Ik heb weinig nieuwe patiënten gezien, het waren vooral mijn bestaande longpatiënten die erg veel last hadden. Ontegenzeggelijk is de rook erg gevaarlijk voor mensen met longaandoeningen. De kleine rookdeeltjes dringen makkelijk door tot de longen en longpatiënten merken dan dat hun situatie verslechtert. Ik heb hen aangeraden binnen te blijven en weinig te sporten. Het langetermijneffect van deze rook zal nog moeten blijken. 

Het is bemoedigend dat Australië zo’n goed zorgsysteem heeft. Toch zijn de bosbranden, en de klimaatverandering in het algemeen, een bron van zorg voor medische professionals: we hebben geen idee hoe vaak we dit nog zullen meemaken.”

De artsen en verpleegkundigen behandelden met beperkte middelen en afgesloten van de buitenwereld de directe slachtoffers van brandwonden en ander letsel. In de steden kregen huisartsen en longartsen talloze longpatiënten op consult. De slechte luchtkwaliteit, met waarden die 26 keer de toegestane hoeveelheid gevaarlijke stoffen bevatte, zorgde voor veel problemen bij mensen met longaandoeningen als astma.

Dierenartsen zijn na het afschuwelijke vuurseizoen ‘een beroepsgroep in rouw,’ zoals de voorzitter van de vakbond het verwoordde. Het waren loodzware maanden voor de diergeneeskundigen die van dichtbij zagen hoe zoveel iconische Australische dieren als koala’s en kangoeroes gewond raakten en stierven.

Langetermijngevolgen

De bosbranden hebben ook gevolgen voor de lange termijn. Gevreesd wordt voor grootschalige geestelijke gezondheidsproblemen, veroorzaakt door het trauma van de vuurzee. De confrontatie met de ernstige gevolgen van klimaatverandering heeft bij Australiërs gevoelens van angst en paniek veroorzaakt. Deskundigen zijn bovendien bezorgd over wat de blootstelling aan rook voor de volksgezondheid zal betekenen.

Nu regens het vuur dan eindelijk hebben geblust, is de noodsituatie voorbij. Maar de bosbranden blijven nadreunen in de Australische gezondheidszorg, getuige de zorgprofessionals die Arts en Auto sprak.

Diane Lang 

Verpleegkunige in een regionaal ziekenhuis in het bosbrandgebied in Zuidoost-Australië, vertegenwoordiger van de New South Wales Nurses and Midwives Association. 

“Op 30 december naderde een bosbrand ons ziekenhuis razendsnel. Vanuit de heuvels zagen we het gloeiende vuur op ons afkomen. Door de rook en de as was het stikdonker. De wegen waren afgesloten, dus veel van mijn collega’s konden het ziekenhuis niet bereiken. Mobiele telefoons werkten niet. Mijn dagdienst zat erop, maar ik besloot een extra dienst te blijven. We verzamelden al onze voorraden en luisterden naar de radio. We hadden geen idee wat er door de deuren van de eerste hulp zou komen. 

Al snel arriveerden brandweerlieden en dorpsbewoners met brandwonden. Sommigen moesten worden geïntubeerd. Normaal zouden we bepaalde patiënten transporteren naar de grotere ziekenhuizen in de buurt, maar dat kon niet, omdat we van de bewoonde wereld waren af-
gesneden. Een brandwondenspecialist die in de buurt op vakantie was, is komen helpen. Dat was een groot geluk. 

Het was extra beangstigend omdat onze familie en vrienden in het vuurgebied wonen. We deden ons werk, maar dachten tegelijkertijd aan onze dierbaren. 

In de dagen die volgden, besloot de overheid tot massale evacuatie. Dat viel midden in het hoogseizoen, met 30.000 toeristen in ons gebied. Sommige mensen zoals ouderen waren niet sterk genoeg om naar een evacuatiecentrum te gaan. Die kwamen bij ons in het ziekenhuis terecht, ook omdat de wegen gesloten waren. We hebben uiteindelijk twee weken gewerkt voordat extra personeel arriveerde. Als ik er nu op terugkijk, ben ik ontzettend trots op wat we met een kleine groep hebben bereikt.”