Fiets van de zaak

De ‘fiets van de zaak’-regeling is in 2015 komen te vervallen, maar nog steeds zijn er fiscaal interessante mogelijkheden voor werkgevers om fietsen naar het werk te stimuleren. 

Tekst: Martijn Reinink | Beeld: Shutterstock

Per 1 januari 2015 is de werkkostenregeling (WKR) in werking getreden. Daarmee verviel de fietsregeling waarbij de werkgever iedere werknemer een fiets mocht schenken van maximaal € 749,-. Een fiets schenken kan anno 2017 nog steeds, maar de schenking moet passen binnen de norm van de WKR. Dit houdt in dat de werkgever maximaal 1,2 procent van de totale fiscale loonsom aan belastingvrije vergoedingen aan zijn werk- nemers mag betalen. Maar ook buiten de WKR om kunnen werkgevers een fiets schenken aan hun personeel zonder daarover belasting te betalen. Zij mogen namelijk een renteloze lening verstrekken voor de aanschaf van een (elektrische) fiets. Die lening kan worden afgelost met de kilometervergoeding voor woon-werkverkeer.

De werkgever mag iedere werknemer onbelast een reiskostenvergoeding geven van € 0,19 per km, ook de fietser. Het bijhouden van een kilometeradministratie is niet nodig. De werkgever mag een vaste maandelijkse vergoeding geven, uitgaande van 214 werkdagen per kalenderjaar bij een fulltime dienstverband, waarbij de werknemer op minstens 128 dagen naar de vaste werkplek reist. De werknemer die voltijds werkt, mag dus tot twee dagen per week thuis werken met behoud van de vaste onbelaste reiskostenvergoeding.

Stel dat die werknemer op 10 km van de werkplek woont. Dan fietst hij 100 km per week, ongeveer 4500 km per jaar en ontvangt hij een belastingvrije reiskostenvergoeding van ruim € 800,-. Een fiets van € 1600,-, gekocht met een renteloze lening van de werkgever, lost hij dus binnen twee jaar volledig af. Zo fietst een werknemer zijn eigen fiets bij elkaar.