Hamiltons steun en toeverlaat

Angela Cullen trainde al heel wat topatleten voor ze werd gegrepen door de sportfilosofie van de Finse arts Aki Hintsa. Nu is ze als fysiotherapeute en persoonlijke assistent onmisbaar voor Formule 1-coureur Lewis Hamilton. “Ik maak hem wakker, bestel zijn eten, regel zijn schema en elimineer alles dat ten koste zou kunnen gaan van zijn concentratie op de race”, vertelde ze eerder over haar werk.

Tekst: Frank van Kolfschooten | Beeld: ANP

Formule 1-fysiotherapeut Angela Cullen 180 dagen per jaar op pad

Angela Cullen (46) is de eerste voor wie Formule 1-coureur Lewis Hamilton oog heeft na afloop van elke race. Na een zoveelste overwinning snelt de zevenvoudige Britse wereldkampioen op de blonde Nieuw-Zeelandse af voor een omhelzing en een vreugdedans. Ze is niet Hamiltons vrouw, maar sinds 2016 zijn fysiotherapeute en in de praktijk ook zijn prestatiecoach en persoonlijke assistent, onmisbaar, ook buiten de races. “Zij is een van de beste dingen die mij zijn overkomen in mijn leven”, zei Hamilton vorig jaar in een interview met Ziggo Sport. “Ze is gefocust, onbaatzuchtig en maakt mijn weekenden vredig. Je moet positieve mensen om je heen hebben in het leven, mensen die je inspireren om beter te worden en die je oppeppen als je in de put zit en zij is zo’n persoon.”

Cullen is nog steeds verbaasd dat zij in de Formule 1 is beland, een mannenbolwerk bij uitstek. Ze was van jongs af aan een sportbeest: voetbal, cricket, volleybal, basketbal, zwemmen, ze heeft het allemaal gedaan en fanatiek ook, want ze wil altijd winnen. Hockey beoefende ze op topniveau in het nationale team van Nieuw-Zeeland. Ook op school ging Cullen ertegenaan. Haar lievelingsvakken waren wis- en natuurkunde, anatomie en fysiologie. Dat ze daarna gezondheidswetenschappen en fysiotherapie ging studeren, lag voor de hand. “Daarin kon ik mijn liefde voor wetenschap combineren met mijn passie voor sport en belangstelling voor lichamelijke prestaties”, zei ze in 2019 in een interview.

‘Liefde voor wetenschap combineren met passie voor sport en belangstelling voor lichamelijke prestaties’

Na haar studie ging ze reizen en bleef ze hangen in Londen, waar ze topatleten trainde, vooral 100- en 200 metersprinters, maar ook triatlonatleten en veldlopers. In 2004 maakte ze deel uit van de trainingsstaf van de Britse 4 x 100 meter-estafetteploeg die goud won op de Olympische Spelen van Athene. 

In 2006 ging ze er op haar 32e een jaar tussenuit om Zuid-Amerika te doorkruisen op de fiets, op en af door het Andesgebergte, door de Chileense Atacama woestijn en de zoutvlakte van Bolivia. Onderweg dacht ze na over haar toekomst en besloot ze terug te keren naar Nieuw-Zeeland. Daar stapte ze in een nieuw Olympisch project: het
begeleiden van prestatiecoaches die de totale leefstijl van individuele sporters onder de loep nemen om hen zo goed mogelijk te maken.

In 2014 hoorde ze tijdens een vakantie in Frankrijk over het werk van de Finse arts Aki Hintsa, die gefascineerd was geraakt door de prestaties van Ethiopische langeafstandlopers met een zeer eenvoudige leefstijl. Hintsa was tot de conclusie gekomen dat een gezond en uitgebalanceerd leven voorwaarde zijn voor optimale sportprestaties en ontwikkelde een eigen sportfilosofie die hij op verzoek van de Finse autocoureur Mika Häkkinen ook begon toe te passen in de Formule 1, nadat hij zijn eigen vooroordelen over die wereld had overwonnen. Hintsa had er nooit bij stilgestaan dat een autocoureur in topconditie moet zijn om de krachten te kunnen beheersen die op hem worden uitgeoefend in de bochten van een circuit. Daarvoor moet hij beschikken over de kracht van een gewichtheffer en het uithoudingsvermogen van een marathonloper. Een coureur verliest tijdens een race tussen 3 en 5 kilo vocht en zijn hartslag stijgt tot 160 – 200 slagen per minuut.

Cullen werd gegrepen door Hintsa’s filosofie en besloot dat ze wilde werken voor zijn bedrijf Hintsa Performance binnen de Formule 1. Daar werkte ze aanvankelijk als biomechanica-expert voor blessurepreventie met twaalf verschillende coureurs, onder wie ook Lewis Hamilton. De wereldkampioen kampte al jaren met lichamelijke klachten zoals een stijve nek, lage rugklachten of pijnlijke bilspieren en geen trainer had hem daar tot dan toe vanaf kunnen helpen. Hamilton was in seizoen 2015 zo enthousiast over Cullens’ benadering dat hij haar vroeg om hem in het nieuwe seizoen rondom elke race te begeleiden en ervoor te zorgen dat hij zich volledig op de race kon richten. “Ik maak hem ’s ochtends wakker, bestel zijn eten, rijd hem naar het circuit, regel zijn hele schema voor het weekend en elimineer alles dat ten koste zou kunnen gaan van zijn concentratie op de race en een 100 procent-prestatie”, zo schetst ze haar bezigheden in een van haar zeldzame interviews. Onder invloed van Cullen heeft Hamilton zijn leefstijl de afgelopen jaren aangepast om concurrenten zoals Max Verstappen te kunnen blijven aftroeven. Hij is meer aandacht gaan besteden aan zijn slaappatroon, onder meer om de maagklachten onder controle te krijgen die horen bij de onvermijdelijke jetlags waarmee Formule 1-coureurs te kampen hebben door hun reizen over de hele wereld. Hij at al geen rood vlees, maar is ook veganist geworden om een stabieler energieniveau te krijgen. Hij eet nu veel volkoren granen, gestoomde of langzaam gekookte groenten en salades en veel pasta, van orzo tot ravioli.

Hamilton doet zes uur per dag aan cardiofitness in de gym, maar pakt ook de mountainbike, de skilatten of wandelschoenen. Aan krachtsport doet hij met mate, want een autocoureur moet niet te zwaar worden en geen te gespierd bovenlijf krijgen omdat zijn zwaartepunt laag moet liggen in de auto. Hij is aan yoga en pilates gaan doen voor de soepelheid en zelfs gaan mediteren op advies van Cullen. “Ik voel dat mijn psyche dat nodig heeft”, vertelde hij vorig jaar aan L’Equipe. Alles dankzij de door Cullen toegepaste Hintsa-filosofie die ervoor zorgt dat de finetuning van Hamilton net zo goed is als die van de hightech raceauto waar zijn team voortdurend aan sleutelt om hem zo snel mogelijk te maken.

Hamilton en Cullen hebben zo’n nauwe band gekregen, dat ze op hun pols dezelfde tatoeage hebben laten zetten: ‘Loyalty’. De twee zijn 180 dagen per jaar met elkaar op pad, waardoor Cullen haar man en kinderen, die ze zorgvuldig buiten de publiciteit houdt, maar weinig kan zien. Wie haar Instagram-account volgt, krijgt de indruk dat er maar één man is in haar leven: “Lewis, je bent werkelijk bovenmenselijk en het is elke dag een eer en genoegen om met je te werken.”