Hartekreet

Threes Anna (1959) , pseudoniem voor Threes Schreurs, is  een Nederlandse romanschrijfster, theater- en filmmaakster. Haar laatste roman is Paradijsvogel (2016), haar meest recente film is
De Vogelwachter (2020). 


Tekst: Threes Anna | Beeld: Angelique van Woerkom

Mijn moeder heeft in haar leven drie hartaanvallen gehad. Niet dat ze zich daarvan op het moment zelf bewust was, helemaal niet. Het kwam pas naar voren bij een onderzoek naar iets anders. De bijvangst werd haar hoofdvangst. Mijn moeder was opeens hartpatiënt. Haar klachten kregen opeens bestaansrecht en bleken niet het gezeur van een vrouw in de overgang. Dus toen mijn ouders na hun pensioen verhuisden, werd dat een woning met een slaapkamer beneden.

Ondanks de medicijnen verdwenen haar hartklachten niet, eigenlijk werden ze alleen maar duidelijker. Vier jaar voor haar dood lachte haar cardioloog: ‘Ach mevrouw Schreurs, dat hart van u is zo groot als een slappe ballon’. Waarbij hij zijn beide handen plastisch pompend voor zich hield, alsof hij een voetbal aan het kneden was. 

Toen ook ik, als fanatiek zwemmer, steeds meer begon te hijgen, ondernam ik actie. Mijn moeder mocht dan wonder boven wonder drieënzeventig zijn geworden, haar ouders en broer hadden veel eerder het loodje moeten leggen als gevolg van vaatziekten. Met zulke genen word je serieus genomen en spoedig werd ik binnenstebuiten gekeerd. Ik scheen, ouderwets gezegd, aderverkalking te hebben.

‘Dat hart van u is zo groot als een slappe ballon’

Ik behoor tot de generatie waarvoor een dokter allang niet meer almachtig is, dus toen ik met medicatie naar huis werd gestuurd, bestudeerde ik eerst de bijwerkingen. De lijst was lang en ik nog geen vijftig. In plaats van pillen besloot ik mijn dieet rigoureus te veranderen. Alle transvetten en tarwe gingen eruit en haver, groenten en fruit erin. Vier jaar later werd ik opnieuw gecheckt. Nooit zal ik de verbaasde reactie van de radioloog vergeten: mijn vaten bleken nagenoeg schoon te zijn. Het dieet was ondertussen allang geen dieet meer, maar gewoon mijn eten geworden. 

Dus toen ik vorig jaar (ik zwem nog steeds veel) meer en meer begon te hijgen, rinkelden opnieuw m’n alarmbellen. Waren mijn genen toch sterker dan mijn wil om gezond te zijn? Opnieuw testen en cardioloog. Jouw hart is top, zei de arts, maar ik dacht aan mijn moeder die op dezelfde leeftijd als een hijgend paard de trap op klom. Het was angst, denk ik, dat ik een second opinion wilde en terechtkwam bij Heartlife, gespecialiseerd in het vrouwenhart. Weer fietsen en filmpjes. ‘Je hart is uitstekend’, werd me verzekerd. ‘Maar vergeet niet dat als je zestig bent het steeds lastiger is om je conditie op peil te houden. Dus als je sport, ga dan minstens drie keer per week écht tot het gaatje.’ Conditie is iets waaraan je als je ouder bent veel harder moet werken. Sinds ik dat doe, is het hijgen verdwenen. Al moet ik eerlijk zijn, corona met de gesloten zwembaden is niet goed voor mij. Vanmiddag liep ik een duin op, hoorde mezelf hijgen en dacht aan mijn moeder die vandaag 93 zou zijn geworden. 

Op deze plek verhalen schrijvers, journalisten en publicisten over een persoonlijke ervaring met de gezondheidszorg en houden ze (para)medici een spiegel voor. Eerdere afleveringen vindt u hier.

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*
*