Meer resultaat met groepsreflectie

Voor sommige medisch specialisten is IFMS – de verplichte 360 graden reflectieronde – niet meer voldoende. Vakgroepen die de patiëntenzorg bewust op een hoger plan willen tillen, kiezen steeds vaker voor groepsreflectie. “Je komt beter en sneller tot de kern met elkaar.”

TekstRineke Wisman | Beeld: Tamar Smit

De problematiek van disfunctionerende artsen: zelfreinigend vermogen moet beter.’ En: ‘Medische wereld is gewoon te zwijgen.’ Maar ook: ‘Een fout is menselijk, zeggen we vaak.’

Loes van der Linden, IFMS-projectleider bij VvAA, opent haar presentatie over het Individueel (en Groeps) Functioneren van Medisch Specialisten (IFMS en GFMS) standaard met wat pakkende koppen uit de media. “Het ‘bashen’ van artsen lijkt door de media soms tot kunst te worden verheven”, vindt ze. Er is maar één manier waarop artsen zich hiertegen kunnen verweren. “Door de kwaliteit van zorg te blijven toetsen en het eigen functio-neren structureel onder de loep te nemen.”

Om de kwaliteit van zorg te bevorderen lanceerde de Federatie voor Medisch Specialisten in 2009 IFMS: een keer per twee jaar een 360 graden feedback over de zeven CanMEDS competentiegebieden van een medisch specialist. Via vragenlijsten geven collega’s anoniem feedback over gedrag en houding op een schaal van 1 (slecht) tot 5 (goed). Het verschil tussen GFMS en IFMS is dat de feedback die hieruit rolt bij GFMS tijdens een sessie met alle aanwezigen wordt gedeeld.

Blijft u rustig bij drukte? Bent u integer tegenover patiënten? Als collega’s hier anders over denken dan uzelf, dan komt u daar tijdens een GFMS-ronde achter. Daarbij geldt dat poli-assistenten op andere aspecten letten dan collega’s uit de maatschap. Waar een poliassistent beoordeelt of de dokter de patiëntendossiers goed bijhoudt en medische informatie helder uitlegt, beoordelen medisch specialisten bij-oorbeeld of iemand zich voldoende bewust is van zijn voorbeeldrol.

‘Feedback is opbouwend bedoeld, maar zo wordt het niet altijd ervaren’

Op basis van de feedback volgt een reflecterend gesprek waarin een externe gespreksbegeleider de resultaten per specialist doorneemt. Het doel is een persoonlijk ontwikkelplan voor de toekomst. Van der Linden: “Een arts die positief beoordeeld wordt op het geven van voorlichting aan co-assistenten maar organisatorisch minder flexibel is, zou zich in de toekomst meer kunnen gaan richten op het onderwijs.”

Groepsreflectie is spannend, weet Van der Linden. “Feedback kan je raken. Zeker als het iets is waarvan je je niet altijd bewust bent. Het is opbouwend bedoeld, maar zo wordt het niet altijd ervaren.” De resultaten kunnen confronterend zijn. Bijvoorbeeld vanwege het tegenvallende antwoord op de gesloten vraag: als ik of een familielid zorg nodig zou hebben, zou ik deze arts dan aanbevelen?

Lees verder (pdf).

AA07-2016p020-023