Survivallen

Survivalrun is dé passie van vierdejaars geneeskunde Tjitske Groenveld (20). Bij die sport komen deelnemers op een hardloopparcours – variërend van 7 tot 21 km – allerlei obstakels tegen. Die staan, hangen en liggen in weilanden, bossen en in het water en de renners moeten erdoorheen, overheen of onderdoor. “En dat niet alleen in de zomer, ook in de herfst en winter”, lacht Tjitske.

Tekst: Wout de Bruijne | Beeld: De Beeldredaktie/Marcel Krijgsman

 

De student ‘survivalt’ zelf graag, maar is ook actief als bestuurslid van de Nijmeegse Studenten Survivalrun Vereniging, NSSV FEL (Fortis et Liber). In die rol is zij verantwoordelijk voor activiteiten voor en door de vereniging en voor het contact met andere studentensurvivalverenigingen. De sport wordt steeds populairder en in zeven studentensteden zijn nu verenigingen. “We organiseren activiteiten en trainingen met de andere verenigingen. NSSV FEL organiseert dit jaar voor het eerst een eigen survivalrun in Nijmegen. Daarnaast zijn we druk met een eigen studentensurvivalcompetitie met daaraan verbonden ook een Nederlands kampioenschap.”

‘Er is meer voor nodig dan snelheid en kracht’

“Wat de sport zo leuk maakt”, vindt Tjitske, “is dat er meer voor nodig is dan snelheid en kracht. Je moet ook slim en behendig zijn.” Survivalrun klinkt als een blessuregevoelige sport, maar dat valt volgens Tjitske wel mee. “De NSSV FEL heeft 70 leden, waarvan er zo’n tien geneeskunde studeren. We hoefden in die drie jaar dat ik nu meedoe nog nooit echt in actie te komen. Iedereen is sportief en goed voorbereid. Het gaat meestal om spierblessures en verstuikte enkels.”

Toevallig heeft Tjitske net zélf een hardnekkige spierblessure achter de rug. Ze traint weer en heeft inmiddels alweer twee runs gelopen. “Maar ik ben nog niet helemaal voluit gegaan. Ik zou wel willen, maar ik heb bij mijn studie niet voor niets geleerd dat je je bij dit soort blessures vooral niet moet forceren.”