Favoriete pil – Koninkrijk vol sloppen

René Héman (Maastricht, 1959) is sociaal geneeskundige en voorzitter van artsenfederatie KNMG. Zijn favoriete pil: Koninkrijk vol sloppen. Achterbuurten en vuil in de negentiende eeuw van historicus Auke van der Woud.

Tekst: Frank van Kolfschooten | Beeld: De Beeldredaktie/Jasper van Overbeek

Koninkrijk vol sloppen is een inspirerend boek voor een sociaal geneeskundige zoals ik”, zegt KNMG-voorzitter René Héman. “Het is bewonderenswaardig hoe artsen zich vanaf 1850 hebben ingespannen voor de verbetering van de gezondheid van enorme groepen armen in de grote Nederlandse steden.”

Historicus Auke van der Woud beschrijft in dit boek hoe in de loop van de negentiende eeuw steeds meer mensen van het platteland naar de steden trokken, waar ze meestal geen werk wisten te vinden. Miljoenen Nederlanders leefden er in bittere armoe onder erbarmelijke omstandigheden, vergelijkbaar met de huidige sloppenwijken in derdewereldsteden.

Van der Woud maakt de troosteloosheid van het dagelijks leven in korte hoofdstukken gedetailleerd aanschouwelijk, zegt Héman. “Hij brengt tot leven hoe kinderrijke gezinnen met z’n allen in één kamer woonden, zonder enige sanitaire voorziening. Mensen deden hun behoeften vaak op straat en overal waren afvalbergen. De sloppen waren daardoor grote besmettingshaarden en er waren geregeld epidemieën, zoals van cholera.”

‘Recht op een leven dat vrij is van alles dat neerdrukt en beklemt’

Artsen van de ‘sociale hygiëne’-beweging bleven bij politici hameren op het belang van schoon drinkwater, riolering en betere huisvesting, maar pas rond de eeuwwisseling kwam de politiek in beweging, en kwam er betere sociale wetgeving via de Gezondheidswet en de Woningwet. “Dat is voor een belangrijk deel te danken aan deze idealistische artsen, die vonden dat ieder mens niet alleen recht had op een lang leven, maar ook op een leven met zo min mogelijk ziekte”, zegt Héman. “Op een leven dat vrij is van alles dat neerdrukt en beklemt, zoals ze dat zo fraai noemden.”

Héman wijst erop dat er nog altijd grote gezondheidsverschillen bestaan in Nederland. “Mensen met een lage sociaaleconomische status leven zeven jaar korter dan mensen met een hoge status. En als je kijkt naar het verschil in levensverwachting in goede gezondheid is dat zelfs achttien jaar.”

Roken, overgewicht, overmatig alcoholgebruik, weinig beweging en ongezonde voeding spelen een belangrijke rol bij deze gezondheidsverschillen, zegt Héman. “Als KNMG ontwikkelen wij daar preventiebeleid voor, maar er zijn ook artsen die de barricaden op gaan om sneller resultaten te bereiken. Denk aan Wanda de Kanter en Pauline Dekker en hun strijd tegen het roken en de tabakslobby; bevlogen artsen die zich sterk maken voor de volksgezondheid, net als in de 19de eeuw. En dat geeft inspiratie!”