Mitshubishi Space Star

Na amper drie jaar heeft de Mitsubishi Space Star al een ingrijpende facelift ondergaan. Het moet zijn positie in de fel bevochten kleinste klasse verbeteren. 

Tekst: Bart van den Acker

Een nieuwe auto met een verkoopprijs die rond de tien mille begint, wat mag je daarvan verwachten? Wie zich verdiept in die kleinste klasse, komt erachter dat voor zo’n lage basisprijs heel volwassen auto’s te koop zijn. En de Mitsubishi Space Star brengt het er in dat gezelschap best aardig van af.

AA05-2016p071aPrijs vanaf € 29.995,- Bijtelling 21 procent

Ondanks enkele ingrijpende vernieuwingen ontpopt de nieuwe Space Star zich niet tot de modernste en evenmin comfortabelste auto in deze klasse. De naam ‘Space Star’ is ook wat overtrokken, zelfs al passen er vier volwassenen tussen de standaard vier portieren. De bagageruimte behoort met 235 liter inhoud, met een uitneembare extra vloer, ook niet tot de kleinste. Wel is de ‘tildrempel’ vrij hoog, zeker als die vloer is uitgenomen. De voorstoelen zitten redelijk en het nieuwe dashboard ziet er volwaardig uit. Een vreemd detail is dat de startknop línks op het dashboard zit. Ook blinkt de radio niet uit in bedieningsgemak.

Uiterlijk is de Space Star er door de facelift beslist op vooruitgegaan. Het nieuwe (lange-re) front staat hem beter dan de oude versie, die niet echt ‘smoel’ had. Verder is het geen vlotte of moderne verschijning, op dat vlak legt hij het af tegen diverse andere compacte auto’s; maar dat is natuurlijk een kwestie van smaak. Qua uiterlijk is het een wat conservatieve auto, wat voor kopers die minder aan ‘looks’ hechten geen probleem is.

Een sterk punt is zijn bescheiden brandstofdorst

Ik reed de Space Star met de 1,0 liter driecilinder motor. Die is vlot en sterk genoeg voor de slechts 820 kg wegende auto. Het driepittergeluid is wel herkenbaar, maar blijft op kruissnelheid op de achtergrond, omdat dan het geluid van de banden overheerst.

Er is een nieuw type vijfversnellingsbak toegepast, die ik soms wat ‘hakerig’ vond schakelen. Mijn voorkeur zou uitgaan naar de CVT-transmissie, maar die vergt een aanzienlijke meerprijs (Ä 1800,-). Een sterk punt is zijn bescheiden brandstofdorst. Ik reed steeds bijna 1 op 20 (gemiddeld 1 op 19,1) en dat is netjes. Er is ook een fractioneel sterkere 1,2 liter motor voor de allerduurste uitvoering, maar of dat nou zo’n zinvolle investering is?

Ik heb nog wel wat kritiekpuntjes. De besturing is erg licht en gevoelloos. Daar komt bij dat de Space Star ‘iel’ aanvoelt en op de snelweg niet ongevoelig is voor (zij)wind. Een vrachtwagen op snelheid passeren, is oppassen geblazen. Harder dan 120 km/u kán hij wel, maar het was alsof gewoon rechtdoor rijden, vanwege die lichte besturing, heel wat inspanning vergde. Ik voelde me er niet plezierig bij, ’t was verre van relaxed rijden.