Voor de camera

Tandarts en Actawetenschapper Joris Muris (foto: Yvonne Compier)

 

Er zijn tegenwoordig diverse medische programma’s te zien op de landelijke televisie. Waarom zou je daaraan meedoen? Hoe is het om voor de camera te staan? Hoe zijn de reacties? Drie tv-dokters vertellen. “Je stelt je enorm kwetsbaar op.”

Tekst: Martijn Reinink

 

Op de SEH, op een huisartsenpost in Benidorm of op een boerderij waar een veearts een kalfje ter wereld brengt. Meekijken over de schouder van de zorgprofessional, het is een beproefd tv-format waar zowel publieke als commerciële omroepen al jarenlang mee scoren. Dierenarts Piet Hellemans maakt in 2011 zijn opwachting in zo’n programma, Dieren op Spreekuur op SBS6. “Ik ben trots op mijn vak en ik vind het leuk om mijn visie te delen”, noemt hij als belangrijkste redenen om mee te doen. “Voor de kliniek waar ik destijds werkte, was ik net begonnen met huisvisites, dus het was ook nog eens goede pr.”

De afgelopen jaren is er meer diversiteit ontstaan in het aanbod aan gezondheidsprogramma’s (zie Met eigen idee naar een omroep‘). Zo trekt KRO-NCRV dit jaar meer dan een miljoen kijkers met een medische spelshow. In Dokters vs Internet stellen een team van huisartsen en een team van BN’ers diagnoses bij echte patiënten. De dokters doen dat op basis van kennis en ervaring, de BN’ers hebben internet tot hun beschikking. Ylva Onderwater, een van de drie huisartsen achter de desk, twijfelt als ze wordt benaderd voor de casting. “Je stelt je in meerdere opzichten enorm kwetsbaar op. Je kunt een flater slaan, op persoonlijke titel natuurlijk, maar ook tegenover de beroepsgroep, als je een ziektebeeld niet herkent. En je stelt je kwetsbaar op tegenover je eigen patiëntenpopulatie.”

Een uitvoerig gesprek met de producers geeft de doorslag. “Als de insteek was geweest om de dokter af te laten gaan, dan had ik bedankt. Maar we zaten op één lijn. De huidige generatie googelt voordat zij naar de huisarts gaat. Daar is niks mis mee, maar we willen mensen wel weghouden van allerlei fora en laten zien dat wij online gevonden informatie kunnen wegen. Daarom heb ik ja gezegd.” Maar niet voordat Onderwater ervan overtuigd is dat met de patiënten in het programma ‘menswaardig en respectvol’ wordt omgesprongen. “Er mag best een spelelement en een lach in zitten, maar het moet geen ‘aapjes kijken’ worden. Vooraf wordt met patiënten doorgesproken wat zij kunnen verwachten, bijvoorbeeld dat er applaus volgt als de juiste diagnose wordt gesteld. Dat is natuurlijk best wrang als er iemand staat met hiv.”

Voor- en nazorg

Dat deelnemende patiënten goede voor- en nazorg krijgen, is ook voor tandarts en ACTA-wetenschapper Joris Muris een voorwaarde om in 2016 mee te doen aan het RTL 4-programma Gênante Tanden, een initiatief van het Fonds Mondgezondheid. “Twintig procent van de bevolking gaat nooit naar een tandarts”, wijst Muris op de aanleiding voor het programma. “Dat zijn vooral mensen uit sociaal lagere klassen. En het is die groep die we willen laten zien hoe belangrijk het is om tijdig naar de tandarts te gaan.” In een variant op het Britse The truth about your teeth ziet het fonds een mogelijkheid om die groep te bereiken. Het resulteert in een zesdelige serie, opgenomen in het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA), waarin mensen met extreme gebitsproblemen worden gevolgd en geholpen.

Muris denkt mee over de inhoud van het programma. In de gesprekken met RTL is hij ‘op zijn hoede’. “Zij willen spraakmakende tv en wij willen onze boodschap overbrengen. Daarin hebben we een balans moeten vinden.” Over het resultaat zegt hij: “Er zat emo-tv in, maar dat is ook nodig om kijkers te trekken en vast te houden. Als het alleen over preventie en zorgplannen gaat, dan haken ze af.”

Het is overigens niet de bedoeling dat Muris het gezicht van het programma wordt, maar de keuze van de producent valt op hem. “Blijkbaar paste ik in het plaatje.”

De tandarts vindt de camera’s best spannend, zeker in het begin. “Op de eerste draaidag werd een patiënt heel emotioneel. Toen realiseerde ik me: hoe ik ook reageer, dit wordt straks uitgezonden.” Huisarts Onderwater heeft bij de opnames van Dokters vs Internet geen last van de camera’s. “Ze waren ver weg en we mochten gewoon medisch praten.”

Het team van huisarten van Dokters vs Internet met in het midden Ylva Onderwater (foto: privébeeld)

Hartverwarmend

Na de uitzendingen krijgt Onderwater alleen maar positieve reacties. “Patiënten zijn zelfs trots. Ze vertellen aan hun families: ‘Die middelste, die vrouw, dat is míjn huisarts. Ze doet het goed, hè?’ Ik vind dat hartverwarmend.” Daarbij ervaart ze in de praktijk een positief bijeffect. “Er zijn mensen die zichzelf en hun klachten herkennen in patiënten in het programma. Daardoor voelen ze zich minder alleen of komen ze langs met bijvoorbeeld bloederige ontlasting, terwijl ze dat anders niet hadden gedaan. Het haalt symptomen uit de taboesfeer.”

Ook Muris ontvangt van patiënten en directe collega’s louter lof voor zijn optredens in Gênante Tanden. “Ze vonden dat ik natuurlijk en empathisch overkwam.” Vanuit de tandheelkundige wereld is er wel kritiek. “Niet iedereen was enthousiast over het feit dat ACTA in een RTL-programma te zien was”, stelt Muris, die pareert: “We hadden ook een documentaire met de VPRO kunnen maken, maar daar kijken 80.000 mensen naar en niet de doelgroep die we wilden bereiken. Gênante Tanden trok 300.000 tot 400.000 kijkers. Na de uitzendingen hebben meer mensen een aanvullende tandartsverzekering afgesloten. We kunnen niet aantonen dat dat door het programma komt, maar mogelijk heeft het er wel aan bijgedragen.”

Muris en Onderwater ambiëren beiden geen tv-carrière. De huisarts: “Komt er nog een keer zoiets op mijn pad, dan zeg ik niet bij voorbaat nee, maar ga ik kijken of het bij me past of niet.” De tandarts is nog iets terughoudender. “Zeg nooit nooit, maar ik denk het niet. Ik hoef niet de tv-tandarts van Nederland te worden.”

Het was ook niet het doel van Piet Hellemans om de tv-dierenarts van Nederland te worden, maar dat is hij inmiddels wel. Sinds 2013 presenteert hij op SBS6 het programma Beestengeluk, waarin hij adviezen geeft over dierwelzijn. Daarnaast is de dierenarts op dezelfde zender te zien in Robs Grote Tuinverbouwing, waarin hij adviseert over dierverzorging en ook dieren behandelt. In beide programma’s promoot Hellemans producten van sponsors. “Maar dat doe ik niet als ik er niet achtersta”, benadrukt de veterinair. “Ik heb goede afspraken gemaakt met de redactie. Redactioneel sturen zij aan; gaat het om dierinhoudelijke zaken of om ethiek, dan ben ik de autoriteit.” Hellemans voelt zich als een vis in het water voor de camera en zou dat niet meer willen missen. “Ik vind vooral de combinatie erg leuk: televisie, kliniek en huisvisites.” En als hij móet kiezen? “Als je me het mes op de keel zet, dan ga ik voor de kliniek. Tv-werk doe je, dierenarts ben je.”

 

Dierenarts Piet Hellemans (foto: Robs Grote Tuinverbouwing/SBS6)

‘Met eigen idee naar een omroep’

“Lager opgeleiden bereik je niet met nieuws en documentaires, maar met amusement waarin je voorlichting over gezondheid verpakt.” Dat zegt Martine Bouman, bijzonder hoogleraar Entertainment Media and Social Change en wetenschappelijk directeur van het Centrum Media & Gezondheid.

Als het om gezondheidsprogramma’s gaat, onderscheidt Bouman vier benaderingen: de medische, de consumenten-, de leefstijl- en de omgevingsbenadering. De laatste jaren ziet ze op de Nederlandse televisie ‘een betere mix’ tussen deze varianten ontstaan. “Van oorsprong zien we vooral de medische benadering: de helden achter levensreddende operaties. Dat is spannende tv, maar kunnen kijkers er ook tips uithalen? Meestal niet en dat is een gemiste kans. Programma’s die zijn gemaakt vanuit het consumentenperspectief, zoals Zorg.Nu, en vanuit de leefstijlbenadering, zoals Nederland in Beweging, hebben meer invloed op gezondheidskennis en -gedrag van tv-kijkers.”

Bouman deed onderzoek naar de bereidheid van zorgprofessionals en gezondheidsinstellingen om samen te werken met media. “De eigen achterban blijkt de grootste belemmerende factor”, geeft ze aan. “Men is bang dat die denkt dat het ze om de publiciteit te doen is of vindt dat ze iets veel te simpel uitleggen.” De hoogleraar ziet dat wel veranderen. “Vroeger was het not done om mee te werken aan een populair tv-programma. Nu ziet men gelukkig steeds vaker de kansen die het biedt om via deze weg mensen te bereiken die ze anders niet bereiken.”

Meestal zijn het de omroepen die zorgprofessionals benaderen voor een programma. Bouman pleit voor het omgekeerde. “Nu stap je in een format dat met bepaalde doeleinden is bedacht. Misschien kun je nog eigen kennis en inzichten toevoegen, maar als je met een eigen idee naar een omroep stapt, ben je in de lead. Dan vormen gezondheids- tips voor kijkers de basis voor een programma.”