Hyundai i30

De nieuwe Hyundai i30 scoort dikke voldoendes op alle punten en kan zich daardoor meten met de allerbeste auto’s uit de middenklasse.

Tekst: Bart van den Acker | Beeld Hyundai

 

Dse i30 zou je bijna een Europese in plaats van een Koreaanse auto kunnen noemen. De styling en ontwikkeling van de jongste generatie van Hyundai’s middenklasser gebeurden in Duitsland, de productie vond plaats in Tsjechië. Alleen het hoge kwaliteitsniveau (met vijf jaar volledige garantie!) zou je kunnen typeren als ‘typisch Koreaans’.

Prijs vanaf €20.495,- Bijtelling 22 procent

Die Europese achtergrond merk je aan alles. De i30 scoort op alle vlakken die ertoe doen dikke voldoendes. De vormgeving is netjes, tijdloos en bewust ingetogen. De i30 is geen auto die hoofden doet draaien, maar een vrij onopvallend model dat wel heel lang ‘mooi genoeg’ blijft. De kale carrosserie is door het gebruik van extra sterk staal 28 kg lichter dan die van de vorige i30. Voeg daarbij moderne techniek als een uitgekiende achterwielophanging, twee nieuw ontwikkelde benzinemotoren, plus als optie actieve veiligheidssystemen, en de i30 is helemaal up-to-date.

Ik reed de 1,0 liter driecilinder met turbo (88 kW/120 pk). Er zijn ook een 1,4 liter viercilinder turbo (103 kW/140 pk) en een 1,6 liter diesel (81 kW/110 pk). De driecilinder snort lekker, zoals je van zo’n motor verwacht, maar op kruissnelheid is hij zó stil dat het geruis van de banden overheerst. Ik reed zo’n 1 op 14, maar had ’m nog iets zuiniger verwacht. In het Nederlandse verkeer is de 1,0 op zich sterk genoeg, maar ik merkte tijdens een lange rit naar Duitsland en op lange hellingen dat hij het soms wel moeilijk had.

De zesbak schakelt licht en precies

De nieuw ontwikkelde zesbak schakelt licht en precies, een zeventraps automaat is er alleen op de duurste versies. Mede door die achterwielophanging en een volledig nieuw ontwikkelde stuurinrichting verdient de i30 ook complimenten voor het verfijnde en nauwkeurige stuurgedrag en een vertrouwenwekkend goede wegligging. Dat hangt nauw samen met het fijne veercomfort: stevig, maar niet te hard.

Het interieur is keurig verzorgd, met uiteraard een ‘tablet’ op het dashboard, maar er zitten een paar kleine omissies in de bediening. Het zijn slechts details die kritiek wekken. Hetzelfde geldt voor de cruise control die na elke keer starten opnieuw moet worden ingeschakeld, en voor de camera die automatisch stoppen voor obstakels regelt maar steeds opnieuw op het dashboard aangeeft niet te werken, bijvoorbeeld in de motregen.

Voorin de i30 staan twee behoorlijke stoelen, achterin is hij ruim genoeg voor twee volwassenen. De bagageruimte is eenvoudig van uitvoering, maar met 395 liter inhoud een van de grotere in deze klasse.

Conclusie: de Hyundai i30 verdient dankzij al zijn goede eigenschappen en een heel verantwoorde prijsstelling méér waardering dan zijn gelijknamige voorganger. De i30 is een serieus alternatief voor de bestsellers in deze klasse.