‘Grijze wolk boven de dag’

Impact van een claim

Het aantal schadeclaims dat tegen huisartsen wordt ingediend, stijgt al jaren. Evenals de hoogte van de schadebedragen die worden geëist en uitgekeerd. Hoewel huisartsen met een aansprakelijkheidsverzekering door een claim niet in hun eigen portemonnee worden geraakt, heeft het wél een enorme impact. “Het is me duidelijk geworden hoe kwetsbaar ik ben.”

Tekst: Martijn Reinink | Beeld: Tamar Smit

Een deurknopfenomeen, eind 2018. Bij het verlaten van de spreekkamer brengt de patiënt in kwestie nóg een fysiek probleem ter sprake. Huisarts Kamiel Wouda, praktijkhouder in het oosten van het land, geeft een instructie mee en vraagt de patiënt binnenkort terug te komen. Dat doet de patiënt niet. Althans, niet op korte termijn. Pas maanden later meldt deze zich weer. Het probleem is verergerd en Wouda verwijst hem onmiddellijk door, met uiteindelijk een operatie tot gevolg.  

Een tijd na de operatie krijgt de huisarts te horen dat de patiënt een klacht tegen hem heeft ingediend. Diens verwijt: Wouda had hem bij de eerste presentatie van het probleem moeten verwijzen. “Klachten komen weleens vaker voor”, geeft de huisarts aan. “Twee, drie keer per jaar in de praktijk. Dat nemen we heel serieus. We nemen er uitgebreid de tijd voor en komen er eigenlijk altijd uit met de patiënt. Maar dit keer was het anders. Vanaf het begin werd duidelijk dat we er niet uit zouden komen. Al was het maar omdat hij meteen over geld begon.”

Het is herkenbaar voor Lenore Beij. Zij is als advocaat aansprakelijkheidsrecht en gezondheidsrecht werkzaam voor VvAA en treedt voor zorgprofessionals en -instellingen op in tucht- en civiele procedures. “Soms loop je tegen een patiënt aan die een zondebok zoekt of uit is op geld. De eerste keer dat ik met een huisarts spreek tegen wie een claim is ingediend, hebben we het altijd over de mogelijkheid om alsnog of nogmaals in gesprek te gaan met de patiënt. Maar soms is dat gewoon een gepasseerd station. Ik eindig het gesprek altijd met het advies om de kwestie zo veel als mogelijk los te laten: ‘Ik ga voor u aan de slag. Concentreert u zich op de patiëntenzorg.’”

‘Ik wist totaal niet wat me te wachten stond’ 

Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. “Ik was ervan overtuigd dat ik juist had gehandeld”, zegt Wouda. “Dan voelt het zó onrechtvaardig. Helemaal als je merkt dat iemand erop uit is om je zwart te maken.” Het is de eerste keer in zijn loopbaan dat een patiënt hem aansprakelijk stelt en een schadevergoeding eist. “Ik heb direct een jurist ingeschakeld, want ik wist totaal niet wat me te wachten stond.” In zijn opleiding 25 jaar geleden was er geen aandacht voor het gezondheidsrecht. “Dat is in de huidige opleiding wel anders, maar zelf denk ik niet dat de impact van een claim daardoor minder zal zijn.” 

Stijging claims en schadebedragen

Vermoedelijk als een gevolg van COVID-19 werden er in de eerste helft van 2020 minder schadeclaims tegen bij VvAA verzekerde huisartsen ingediend dan een jaar eerder. Maar over meerdere jaren gezien, stijgt het aantal claims aanzienlijk: van 202 claims in 2010 tot 362 claims tegen huisartsen in 2019. Dat betekent een stijging van bijna 80 procent. Waarbij moet worden opgemerkt dat slechts een deel van de claims (63 procent) wordt gemeld binnen één jaar nadat het incident heeft plaatsgevonden. Daarnaast stijgt ook de hoogte van de schadebedragen, bestaande uit onder meer de vergoeding aan de patiënt, het honorarium van de belangenbehartiger en kosten voor medisch advies of een deskundigenrapport. In 2015 was het gemiddelde schadebedrag voor een erkende claim bij huisartsen € 51.000,-. In 2019 is het gemiddelde € 96.000,-. Dit is exclusief de (schadebehandelings)kosten van VvAA.

Meer weten over de ontwikkelingen rondom schadeclaims? Kijk op vvaa.nl/ontwikkelingenclaims.

Zeer imponerend

Wouda omschrijft de procedure die in zijn geval langer dan een jaar duurt als ‘zeer imponerend’. En niet in de positieve zin van het woord. “Het kost veel tijd, geld en energie. Gesprekken met de advocaat, verweren schrijven. Dan denk je dat het klaar is, komt er toch weer een reactie van de klager. Dat betekent: wéér overleggen, wéér erin duiken, wéér een brief schrijven. Het traject is zwaar en emotioneel.”

Zo wordt het door nagenoeg elke zorgprofessional in deze situatie ervaren, verzekert advocaat Beij. “Ze slapen er bijna allemaal slechter van. Het is een grijze wolk boven de dag. Als je er even niet mee bezig bent, dan is de wolk minder grijs, maar hij is er altijd. Krijg je een e-mail van mij en word je er weer mee geconfronteerd, dan kleurt de wolk donker.” Bij Wouda verandert die wolk in een donderwolk, als blijkt dat er ook nog een hoorzitting aan te pas moet komen. “Ik denk: als de geschillencommissie wat zorgvuldiger was geweest en men er in het voortraject al een specialist bij had betrokken, was de situatie meteen duidelijk geweest en was het niet tot een hoorzitting gekomen.”

De hoorcommissie waar hij voor moet verschijnen, bestaat uit vijf leden: twee juristen (onder wie de voorzitter), twee huisartsen en een vertegenwoordiger van de Nederlandse Patiënten Federatie. Zij worden ondersteund door een ambtelijk secretaris van de Stichting Klachten en Geschillen Eerstelijnszorg (SKGE). “Het is informeler dan een tuchtzaak, maar ik vond het toch heftig”, zegt 

Ondersteuning

Om de ingrijpende gebeurtenis die een schadeclaim kan zijn te verwerken, is naast juridische ook mentale steun van belang. “We adviseren altijd om er met iemand over te praten”, zegt advocaat Lenore Beij. “De een vindt het prettig om het er met een naaste collega over te hebben omdat die dichtbij staat. De ander heeft meer behoefte aan professionele ondersteuning in de vorm van peer support.” Voor meer informatie over de Peersupporters van VvAA en hun contactgegevens kunt u terecht op vvaa.nl/diensten/peersupport.

Wouda. “Alleen al vanwege de hoeveelheid mensen. Het is prettig dat er vakgenoten bij zijn die zich kunnen inleven in de casus en die begrijpen hoe dingen in de praktijk gaan. De juristen staan er anders in. Zij focussen echt op hoe je iets hebt opgeschreven. Toen ik daar zo zat, werd me wel duidelijk hoeveel macht en rechten een patiënt heeft en hoe kwetsbaar ik als huisarts ben.” 

Einde zoek 

Wouda had deze lange, slepende zaak kunnen voorkomen, als hij meteen aansprakelijkheid had erkend of misschien als hij op een minnelijke schikking had aangestuurd. Dat was in ieder geval veel goedkoper geweest. “Voor mij persoonlijk zeker. Nu heb ik er heel veel uren ingestoken, terwijl ik voor dat schadebedrag verzekerd ben. Maar als je ziet hoeveel uren VvAA en de SKGE-commissie erin hebben gestoken, dat is een veelvoud van het bedrag dat werd geëist.” Toch heeft Wouda noch VvAA ook maar een moment overwogen om aansprakelijkheid te erkennen. “VvAA was heel gemotiveerd en ikzelf ook. Als je hieraan toegeeft, is het einde zoek. Dan geef je een heel verkeerd signaal af. Zo van: dien maar een claim in, dan kun je snel geld verdienen. Ik vind: als je staat achter wat je hebt gedaan, dan moet je daarachter blíjven staan. En hoe zwaar, kostbaar en langdurig het traject ook is: de voldoening is groot als je gelijk erkend wordt.” Want dat is de uitkomst bij hem: de claim wordt afgewezen. “Toen kleurde de hemel weer blauw”, borduurt Wouda voort op de grijzewolkmetafoor van de advocaat. “Ik ben opgelucht. Eindelijk gerechtigheid.”

De hele procedure heeft zijn werkplezier niet aangetast, maar zijn manier van werken wel. “Ik schrijf álles op in het dossier, heel zorgvuldig. Dat is nóg belangrijker nu patiënten sinds 1 juli elektronische inzage in hun dossier hebben. En hoewel ik eigenlijk vind dat patiënten hierin een eigen verantwoordelijkheid hebben, benader ik ze actiever om te controleren of zij gemaakte afspraken nakomen.” Advocaat Beij weet dat veel van de huisartsen die zij heeft bijgestaan, nadien defensiever zijn gaan handelen. “Dat kan juist ook klachten in de hand werken”, stipt zij aan. “Als je altijd doet wat patiënten willen, dan zijn zij sneller ontevreden als het een keer niet naar hun zin gaat.”

* De casus in dit artikel is geanonimiseerd. De naam van de huisarts is gefingeerd, maar bij de redactie bekend.

Één Reactie Reageer zelf

  1. Jan Willem Thissen
    Geplaatst op 23 september 2020 om 14:35 | Permalink

    Belangrijkste les uit dit verhaal lijkt mij dat wanneer een patiënt bij het verlaten van de spreekkamer (deurknopverhaal) nog een fysiek probleem ter sprake brengt hier of direct extra tijd voor moet worden genomen (gepraat moet worden) of direct (en actief door de huisarts) een nieuwe afspraak door het secretariaat van de huisarts moet worden gemaakt. Dus niet aan patiënt zelf overlaten. Dus niet aan patiënt vragen om binnenkort hiervoor zelf een afspraak te maken. Doet de huisarts dit dan hoeft hij/zij dit ook niet achteraf te controleren. Komt de patiënt niet opdagen dan staat de huisarts juridisch veel sterker.
    Blijft het feit dat kwestie voor deze huisarts zeer vervelend is.
    Mr. J.W. Thissen, Thissen & Partners

Plaats een reactie

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*
*