Uit de oude doos XX

‘Verkeersopvoeding en Verkeersveiligheid’ is in de jaren vijftig een vaste rubriek in Arts en Auto.  Daarin zijn ‘onderzoeken’ en berichten verzameld over het wel en vooral het wee in het verkeer. Zo zou volgens een overgenomen bericht uit het Verkeerstijdschrift uit 1954 uit een onderzoek van een Amerikaanse psycholoog blijken dat het ‘bedeesde type’ tot verkeersongevallen ‘geneigd’ is. “Tot dat type behoren vooral vrouwen en ‘verwijfde’ automobilisten. Zij missen zelfvertrouwen, terwijl de ‘actieve’ automobilist onbezorgd en daardoor minder vermoeid is.”

Een andere Amerikaanse medicus meent in 1955 dat te veel comfort ongelukken veroorzaakt. “Door zachte zittingen en automatische transmissie sukkelt de chauffeur in slaap.”

Een Engelse arts weet in datzelfde jaar hoe je verwondingen bij ongelukken vermindert: “Er moeten, net als bij vliegtuigen, veiligheidsgordels gedragen worden. Ook moeten de deuren zo worden geconstrueerd dat zij door de wind worden gesloten en niet geopend zoals thans veelal het geval is.” Maar misschien veroorzaken sommige veiligheidsmaatregelen juist wel ongelukken. Op een verkeerscongres in Luzern discussieert men in 1955 over verkeerslichten. Mogelijk zijn ze  gevaarlijk voor de voetganger, omdat het groene licht automobilisten verleidt om het nog ‘net’ te halen, waardoor bij rood wordt ‘doorgeslipt’.  Zo bezien zijn verwijfde automobilisten voor voetgangers dan weer een stuk veiliger.